Balthasar Gerards

Balthasar Gerards
Op 10 juli 1584 klinken er pistoolschoten in de Prinsenhof te Delft, die in de vaderlandse geschiedenis jarenlang weergalmen en naklinken.

Op die dag is namelijk Willem van Oranje in koelen bloede vermoord door de Fransman Balthasar Gerards een 27 jarige huurling die onder de valse naam van Prins Francois Guyon in mei 1584 in Delft kwam. Als boodschapper kwam hij in dienst van Willem van Oranje, en werd toegevoegd aan het gezelschap van Noel de Caron die op het punt stond naar Frankrijk te vertrekken als gezant van de Staten Generaal. De door ons Nederlanders steevast Gerards genoemde boodschapper, werd door Caron naar prins Willem van Oranje gestuurd met de boodschap, dat Prins Frans van Anjou was overleden, kwam in juli 1584 weer terug in Delft, waar hij zelfs enig geld wist los te peuteren van de prins. Van dat geld kocht hij twee pistolen, en vermoordde daarmee de Prins Willem van Oranje.
Zijn persoon en daad, was voor de toenmalige Nederlanders onvergeeflijk, laf en walgelijk. Zijn straf was dan ook net zo gruwelijk, zo niet een graadje erger.
Zijn hand, waarmee hij geschoten had, werd bewerkt met gloeiend ijzer, en zijn lichaam met messen. En zoals gebruikelijk bij een koningsmoord, werd zijn hart uitgerukt en in zijn gezicht geworpen.
Tenslotte werd zijn lichaam door vier paarden, aan beide armen en benen een, uiteengerukt, oftewel gevierendeeld, zijn hoofd afgehakt en publiekelijk tentoongesteld. Iedere Hollandse protestant, en dat waren verreweg de meesten, vonden deze straf in die tijd terecht, maar de
katholieken hadden er wat meer moeite mee, zeker de Franse inwoners van Vuillafans in de streek van Fransche-Comte.
Voor hen was Balthasar Gerards een held en martelaar, hij geboortig in Vuillafans, en katholiek, had tenslotte de wereld verlost van de protestante duivel uit de Noordelijke Nederlanden, die de eenwording van het grote katholieke Spaanse rijk onder Philips II in de weg stond.
De Nederlandse apostolisch vicaris Sasbout Vosmeer probeerde Balthasar Gerards zelfs heilig te laten verklaren. Met het hoofd van Balthasar, die hij in Delft had gestolen, reisde hij in Rome de kerkelijke instanties af.
De kerk ging er niet in mee, maar als genoegdoening, benoemden zij de familie van Balthasar Gerards wel in de adelstand, en verkregen zij ondermeer drie landgoederen in de Fransch-Comte, die nota bene eigendom waren van Willem van Oranje, en die allerlei rechten en geld opleverden. Philips II had namelijk in 1580 een beloning gezet op het hoofd van Willem van Oranje, van 25.000 goudstukken. Nu was er al eens een aanslag gepleegd op Willem van Oranje, en wel in Antwerpen op 18 maart 1582 door een Spanjaard uit Baskenland, Jean Sjariquis genaamd. Willem van Oranje raakte bij die aanslag weliswaar gewond, maar overleefd de moordaanslag. Maar in 1584 ten tijde van de daadwerkelijk geslaagde moord, had Philips II niet voldoende geld tot zijn beschikking, door de vele oorlogen die hij voerde.
De familie kon de beloning in de vorm van voormalige Oranje bezittingen, met behulp van de Spaans koning alsnog incasseren.
Het geboortehuis van Balthasar Gerards staat, hoe kan het ook anders, in de Rue Gerards in Vuillafans, en is een bescheiden toeristische trekpleister, de Fransen kunnen en willen hem niet teveel eren, want hij blijft natuurlijk een moordenaar, maar blijft het gegeven, dat bijna geen Nederlander weet waar hij vandaan kwam, en hoe lang hij zijn wandaad heeft voorbereid, dat kan men nu zien in het bescheiden museum.
Balthasar Gerards is geboren in 1557, in een groot katholiek gezin met totaal 11 kinderen, hij was op latere leeftijd een groot bewonderaar van de Spaanse koning, die in vele katholieke gezinnen als een soort god werd vereerd. Hij studeerde aan de universiteit van het naburige stadje Dole, waarvan bischop Granvelle beschermheer was.
Balthasar was een fanaticus, want hij liet al voor dat Philips II een beloning uitloofde, aan zijn medeleerlingen een mes zien, waarvan hij verklaarde dat mes in het hart van Willem van Oranje te planten, de latere beloning, werd een extra stimulans.
Hij heeft als overtuigd katholiek, er jaren over gedaan, om in de beurt van Willem van Oranje te komen. Daarbij gaf hij zich uit als zoon van een welgestelde protestante edelman.
Op de fatale dag maakte hij zijn opwachting bij Willem van Oranje met het verzoek hem reisbescheiden te verschaffen.
Hij sprak prins Willem van Oranje aan, voordat die aan tafel zou gaan met de burgemeester van Leeuwarden. Louise de Colignie, de vierde vrouw van Willem van Oranje, heeft nog aan haar man gevraagd, wie die vreemde van de zenuwen trillende vreemde snuiter eigenlijk was, maar gezien de gebeurtenissen die volgden, zal het antwoord bevredigend geweest zijn. Tijdens het diner, haalt Balthasar twee pistolen voor de dag, een om te gebruiken als moordwapen, en een om zijn aftocht mee te kunnen dekken. Ook had hij een varkensblaas bij zich, die hij wilde gebruiken als hij via de gracht zou moeten vluchten, dat laatste was voor hem van groot belang, omdat hij de zwemkunst niet machtig was.
Zijn moordplan lukte, hij schoot Willem van Oranje dood, zodra hij uit de eetzaal kwam, en de trap nam naar een beneden etage. Zijn vluchtplan mislukte, omdat hij vrijwel direct in de kraag werd gepakt voor hij kon vluchten.
Willem van Oranje, ook bekend onder de naam van Willem de Zwijger, werd geboren in Dillenburg in 1533 als oudste zoon van Willem graaf van Nassau en Juliana van Stolberg. In 1544 erfde hij het prinsdom Oranje van zijn neef Rene van Challon,
en een aanzienlijk bezit in de Nederlanden, o.a. de Baronie van Breda.
Sinds 1544 verbleef hij aan het hof van Karel de V te Brussel, alwaar hij als 11 jarig knaapje werd opgevoed in het katholieke geloof. Willem I is viermaal gehuwd geweest, zijn 1e huwelijk was met Anna van Buren, door dit huwelijk werd hij een der rijkste edelen in de Nederlanden.
Zijn 2e huwelijk was met Anna van Saksen, en werd door echtscheiding ontbonden.
Zijn 3e huwelijk was met Charlotte van Bourbon die in 1582 overleed, en zijn 4e huwelijk tenslotte met Louise de Colignie.
Na het vertrek van Karel V in 1555 werd Willem benoemd door Koning Philips II van Spanje, tot lid van de Raad van State en vervulde verschillende diplomatieke missies in opdracht van Philips II. In 1559, nog maar 26 jaar, werd hij stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht. Tussen 1559 en 1567 speelde hij een belangrijke rol in het verzet tegen Granvelle, de al eerder
genoemde bisschop en beschermheer van de universiteit van Dole waar Balthasar Gerards studeerde, en pleit Willem voor verdraagzaamheid tegenover Lutheranen en Calvinisten.
Dat is hem door Philips II niet in dank afgenomen, want die stuurt Alva naar de Nederlanden, om de katholieke hegemonie te herstellen, en Willem van Oranje is genoodzaakt de wijk naar het buitenland te nemen. Al in 1568 begon hij legers te werven, om zodoende een opstand te beginnen tegen de Spaanse overheersers, allerlei invallen heeft Willem gedaan, maar die mislukten allen. Nadat de watergeuzen Den Briel in 1572 hadden ingenomen, stelde Willem van Oranje zich aan het hoofd van dat verzet.
Twaalf jaren van verzet, had tot resultaat, dat Holland en Zeeland van de Spanjaarden werden bevrijd, en dat er een zelfstandig bestuur kon worden gevestigd, dat later de kern werd van de Republiek van de Verenigde Nederlanden. Pogingen om de Zuidelijke Nederlanden ook in het verzet tegen de Spaanse koning te betrekken faalden echter.
Eerst in 1579 bracht Willem’s broer Jan van Oranje de Unie van Utrecht tot stand, en werd in 1580 Willem in de ban gedaan. Wel was intussen Koning Philip II afgezworen, en richtte Willem zich op het buitenland om steun voor zijn plannen te krijgen. Frankrijk bood die hulp in de persoon van de hertog van Anjou, maar dat liep op een mislukking uit.
Ook was Willem omstreden in andere kring, want in 1582 was er al een mislukte moordaanslag op Willem van Oranje geweest.
Na het vertrek van de hertog van Anjou, was er sprake van dat de prins van Oranje de grafelijkheid van Holland en Zeeland toebedeeld zou krijgen, maar voordat dat zijn beslag kon krijgen, was Willem van Oranje reeds vermoord.
Willem van Oranje werd begraven in de Nieuwe kerk te Delft.
De fameuze bouwmeester Hendrik de Keyser had voor hem een grafmonument ontworpen, welk ontwerp door de weduwe van Willem van Oranje, Louise de Coligny, amper haar goedkeuring kon wegdragen. In 1614 kreeg Hendrik de Keyzer opdracht van de Staten Generaal opdracht om iets beters te ontwerpen, en daarin is hij geslaagd.
Al bij de onthulling in 1622 werd het door de Europese adel als een sensatie gezien, al heeft Louise de Coligny het resultaat nimmer afgezien, zij overleed in 1620, en ook Hendrik de Keyser heeft het eindresultaat niet mogen aanschouwen, hij overleed in 1621. Het was zijn zoon en leerling die het monumentale praalgraf voor Willem van Oranje heeft mogen voltooien.
Willem van Oranje werd in 1585 opgevolgd door zijn zoon Maurits, tweede zoon van Willem van Oranje, uit diens huwelijk met Anna van Saksen.
In en rond 1988 kwam men tot de ontdekking, dat het monument welk jaarlijks door zo’n 150.000 mensen bewondert wordt, in een slechte staat verkeerde. Door het schoonmaken met water drongen minuscule zoutdeeltjes door tot het binnenste, en daardoor werd het marmer aangetast. 4 november 1996 begon men met de restauratie, en zou 5 jaar duren.
Het praalgraf werd in 949 stukjes uiteen genomen en deel voor deel schoongespoeld om de zoutdeeltjes te verwijderen. Bij het uiteennemen, bleek dat er minder marmer was gebruikt dan was aangenomen, en het zout in de metselspecie uiteindelijk de oorzaak van het verval was. De kosten van de restauratie bedroegen ruim 6 miljoen gulden, terwijl de bouw van het monument in 1615 begroot was op 28.000 gulden. Dat bedrag werd overigens ruim overschreden, omdat het 2.000 kilo wegende bronzen vrouwenbeeld genaamd Faam? regelmatig tijdens de bouw omviel, en dat steeds een kostenpost van 6.000 gulden opleverde.
Ook gaf het monument een van zijn geheimen prijs, namelijk een eikenhouten kistje met de resten van het hart van Willem van Oranje. Het huidige hoofd van het huis van Oranje Koningin Beatrix gaf overigens geen toestemming om de overblijfselen te onderzoeken, en het kistje is dan ook uiteraard weer teruggeplaatst in het binnenste van het monument.
Een ander opvallend en subtiel detail is, dat er een knoopje in het hemd van Willem van Oranje niet dichtgeknoopt is, en dat op die manier zijn ziel aan het lichaam kon ontstijgen.
Ook ligt er aan zijn voeten een hondje van een ras die uitgestorven was, en die men door een fokprogramma weer heeft teruggefokt. Een kooiker, of eendenvanger, een hond met zwemvliezen tussen zijn tenen. Een trouw beest, maar wel heel erg eigenzinnig. Het verhaal gaat, dat zijn hond na de dood van zijn baas, niet meer wilde eten en drinken, en van honger en dorst stierf, vandaar zijn afbeelding aan de voeten van zijn baas.
4 jaar lang is er intensief door de Rijksgebouwendienst aan het monument gerestaureerd, en kan men in 2002 weer het praalgraf in volle glorie aanschouwen.
De Franche-Comte is een gebied ten zuiden van de Elzas met veel bossen, glooiende hellingen en snel stromende riviertjes.
Dole is vooral bekend geworden, omdat in die plaats Louis Pasteur er in 1822 geboren is.

colofoon:
bijlage de Telegraaf 24-1-1998
Spectrum encyclopedie
Dela kroniek mei 2002
Brochure Rijksgebouwendienst april 1999

3 gedachten over “Balthasar Gerards

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: