Anna Mol

Anna Mol, geboren op de Hoonhorst op 26 mei 1896 als dochter van Johannes Hendrikus Mol en Maria Kamphof.

Officieel in de akte als Johanna Gesina, aangifte werd gedaan op 27 mei door de vader en twee getuigen, die hij verzocht heeft te getuigen. Jannes de Graaf en Klaas Huisman, beide schippers die vermoedelijk met hun schip in de Vecht lagen. Anna is altijd woonachtig geweest in het ouderlijk huis aan de Tibbensteeg onder de Hoonhorst. Zij is overleden in Zwolle in het ziekenhuis de Weezenlanden op 9 maart 1967
Zij was een eenvoudige vrouw die eenzaam leefde en weinig hulp vroeg en aanvaarde, zij is uiteindelijk ook eenzaam gestorven. Zij was niet op de hoogte wat er in de wereld om haar heen gebeurde, enkel de gebeurtenissen in de directe omgeving waren haar bekend.
Zij stelde geen hoge eisen aan haar leven, en was tevreden met haar bestaan, en bepaalde haar eigen weg tot het einde toe.
Zij melkte sinds jaar en dag 9 koeien, behalve wanneer zij niet te pas was, dan was zij midden in de nacht soms al om een uur of vier aan het venster van buurman Veneboer, om met hoge stem te verkondigen: “Mans ik bin nie te passe kunt de vente melken�.
Dan moest een van de jongens Veneboer voor schooltijd naar haar toe om het vee te verzorgen en te melken.
Diezelfde jongens werden ook nog al eens gevraagd om de boodschappen voor haar te halen bij Schrijver, waar men op zondag de fiets overdekt kon stallen tijdens de kerkdienst, enkel voor vaste klanten. Anna ging dan zelf wel af rekenen meestal eens in de week na de kerk, dan kreeg je de koffie gratis.
Wanneer haar fruitbomen vrucht begon te dragen, en er van geoogst kon worden, riep zij al van verre naar diezelfde buurjongens: “Nie doon jongs, et ze nie op�, om vervolgens ook zo weer te vragen “ ’n brieffie met te nem vaor de bakker�
Toch was zij in staat om haar bedoeninkje te beredderen, dat betekende dat zij zelf de grup uitmestte, en enkel bij bijzonderheden een beroep deed op de buren, zoals bij het kalveren van de koeien. Die koeien werden overigens gedekt door de bolle van Kappert, die land bezat tegenover haar boerderij, en waar overigens Stoom ook hun koeien lieten dekken.
Gerrit Stoom was het, die voor Anna Mol ook het vee verkocht op de veemarkt in Zwolle. Maar haar vee werd alleen verkocht als de schuur uitpuilde van het jongvee, wat dan ook in elk hoekje stond, jongvee wat alleen naar buiten kwam om naar de veemarkt te gaan om verkocht te worden. Als dat vee naar haar mening te weinig opbracht, riep zij met hoge overslaande stem: “Gerrit nie doon, nie genog, vuls te weinig�, en werd vervolgens het vee weer in de veewagen geladen en mee naar huis genomen.
Vervolgens werd Westenenk uit Raalte, die familie zou zijn, gevraagd opnieuw een poging te wagen. Zij kon maar moeilijk van haar vee afstand doen.
Het moet een bijzonder gezicht geweest zijn, een vrachtrijder achter het stuur, met ernaast Anna Mol, haar hoed versiert met de zilveren pennen met aan het uiteinde zwarte bolletjes en Gerrit “Stoom�, en achter in de vrachtwagen vee wat door het dolle heen was, zij hadden nog nooit de buitenlucht gezien of geroken, en dan direct naar Zwolle samen naar de vrijdagse veemarkt in Zwolle.
Vermoedelijk heeft Anna nimmer een verdere reis gemaakt dan naar de ‘wereldstad’ Zwolle.
Zij was een bijzondere verschijning in het dorp, met haar donkere hoge bolhoed op waar enkele zilveren pennen doorstaken, die haar knoet doorboorden, om het geheel windvast te houden. Rijdende op haar oude fiets richting kerk, niet dat heek veel mensen dat gezien hebben, want als iedereen in de kerk zat moest zij nog van huis gaan. Zij kwam dan ook binnen als een groot gedeelte van de dienst achter de rug was. Steevast moest zij op haar vaste plek zitten, op de hoek van de bank, en nooit ergens anders. Mocht er iemand anders zitten, dat drukte zij net zolang tot de ander opschoof. Zij schuurde vroeger behalve haar klompen ook de paaltjes rondom haar tuin, later wilde men maar wat graag opschuiven, want zo helder en secuur zij eertijds was, zo verwaarloosde zij zich later helaas. Zij leefde op het eind van haar leven eigenlijk enkel nog bij dat geen wat haar aan het hart ging, tussen haar katten, hond en haar vee. Haar melkvee liep overigens wel heel lang buiten, maar zij poetste en borstelde haar vee, deed ze dekkleden op voor de kou, als ware het haar kinderen.
In het ziekenhuis heeft zij de notaris nog laten komen, om haar bezittingen te vermaken aan de kerk van de Hoonhorst. Na haar overlijden deden de wildste geruchten de ronde, wat pastoor Steenkamp op gegeven deed ingrijpen, en op de preekstoel de mededeling deed dat als hij nog even wachtte er wel Æ’ 100.000,- richting kerk kon komen, per week kwam er volgens de geruchten wel enkele duizenden guldens bij, maar hij vertelde dat als de kosten er af waren er niet meer aan de kerk geschonken werd dan een paar duizend gulden. Zeer welkom uiteraard, maar niet de bedragen die de ronde deden.
Anna Mol is begraven op het R.K.kerkhof op de Hoonhorst 14 maart 1967, 70 jaar oud.
Haar geboortehuis staat er nog steeds anno 2002 en heeft als eerbewijs aan haar nagedachtenis de naam meegekregen van “Anna’s Hoeve�

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: