Verzet tegen de Nazi’s, in Duitsland.

Was er wel verzet in Duitsland tegen de NSDAP, of liet men alles toe zoals de partij van Hitler het voor ogen had.

Het antwoord is volmondig ja, er was wel degelijk verzet tegen de nazi’s, maar men moet het wel zien in de tijd van toen.

En met toen bedoel ik dat niet veel mensen geïnteresseerd waren in politiek, dat was iets waar de gewone man niets of weinig mee van doen had, men was te druk om te overleven.

En het was in Europa slecht gesteld met heel veel landen.

Dictaturen waren in de meerderheid, wij allen noemen Duitsland en Italië, en een enkeling komt nog tot Spanje en Portugal, maar er waren meer dictatoriaal bestuurde landen dan Democratische.

Laten we het rijtje eens langs gaan. Portugal met dictator Carmona 1926, Spanje met Franco 1939, Italië met Mussolini 1922, Oostenrijk met Dolfuss 1934, Duitsland met Hitler 1933, Estland met Päts 1934, Letland met Ulmanis 1934, Litouwen met Smetona 1926, Polen met Pilsudki 1926, Rusland met Stalin 1917, Hongarije met Horty 1919, Jugoslavië met koning Alexander I 1929, Roemenië met koning Carol II 1938, Albanië met Zogu 1925, Griekenland met Metaxas 1936 en in Bulgarije vond in 1934 een militair ingrijpen plaats.

In de jaren na de 1e wereldoorlog had Duitsland bij de vrede van Versailles, ongekende hoge herstelbetalingen opgelegd gekregen, grote delen van hun gebied moeten inleveren, de bevolking was zwaar uitgedund door de oorlog, grote werkeloosheid, grote honger, en geen enkel perspectief voor de toekomst.

Regeringscrisissen, torenhoge inflatie, ziektes, linkse en rechtse rebellie, dit alles was een ideale voedingsbodem voor dictators.

Als dan ook nog Frankrijk en België Saarland en een groot deel van het Ruhrgebied bezetten, om zo de herstelbetalingen op te komen halen, is de tijd rijp voor veranderingen.

Veranderingen die de zogenaamde Weimarrepubliek niet heeft kunnen brengen.

De NSDAP begint aan zijn opmars, en zij zijn uiteindelijk in staat om voor grote bevolkingsgroepen een vleugje hoop en de daarmee gepaard gaande welvaart te brengen.

Het begint al als Hitler het Rijnland weer terug in handen krijgt en Frankrijk en België zich terugtrekken.

Dat e.e.a. gaat ten koste van een andere bevolkingsgroep, de joden, neemt men op de koop toe, zij kregen immers al eeuwen de schuld van alle ellende, samen met de communisten, die aanvankelijk nog samen met de NSDAP optrokken, maar als politieke partij al uitgerangeerd waren.

Uitgekiende propaganda, het bewerken van de massa, het had en heeft zijn uitwerking niet gemist.

In de beginperiode waren er niet veel, die niets met de NSDAP ophadden, integendeel vrijwel iedereen was enthousiast, werk en inkomen, eten en welvaart, wie is daar tegen. En de joden waren over de hele wereld niet erg gezien, dat nam men op de koop toe, men wist toen ook nog niet welke duivelsplannen men met hen voorhad.

En de gewone man, de massa, had nu eenmaal ook niet of nauwelijks een radio in de jaren 30 van de vorige eeuw, of laat staan een abonnement op een krant, en wat als het nieuws door propaganda gestuurd werd.

Al in de jaren 20 van de vorige eeuw, was het de onbeduidende Duitse Arbeiders Partei (DAP) die extreme en radicale antisemitisme en nationaal socialisme verkondigden, in 1919 werd Hitler lid van die partei, die in 1920 hun naam veranderde in NSDAP, maar zijn denkbeelden en ideeën wijzigden zich niet.

In 1923 doen zij zelfs een poging de macht te grijpen, maar dat mislukt en zij worden veroordeeld tot milde straffen, en het geeft Hitler zelfs de kans om Mein Kampf te schrijven in de gevangenis Landsberg, wat overigens meer weg heeft van een luxe villa dan van een gevangenis.

Na zijn vrijlating, werd de partei opnieuw opgericht, maar zou tot 1929 geen rol van betekenis spelen. Pas als de economische crisis aanhoud, komen steeds meer mensen naar hun partijbijeenkomsten in Neurenberg, en groeit hun aanhang pijlsnel.

In 1930 werd de NSDAP en op een na grootste partij van de Rijksdag met 107 van de 577 zetels, in 1932 verloor Hitler van, Paul von Hindenburg om het presidentschap, maar werd wel de grootste partij met 230 zetels, maar Hindenburg weigerde om Hitler tot Rijkskanselier te benoemen.

In 1933 lukte het hem uiteindelijk wel om Rijkskanselier te worden, en ontbond de Rijksdag en schreef hij nieuwe verkiezingen uit. Door intimidatie, en het verbieden van verschillende politieke partijen, lukte het hem om 43.9 % of 17 miljoen stemmen te halen en daardoor de absolute macht.

Hij schakelt systematisch al zijn tegenstanders uit, door ze simpel weg te laten vermoorden, verbied alle politieke partijen die tegen hem zijn.

Zo blijft er maar een keuze over, de NSDAP.

Als dan Rijkskanselier Hindenburg komt te overlijden op 30 juni 1934, staat niets of niemand Hitler en de NSDAP in de weg om te doen wat zij willen.

De propaganda machine komt op gang, en mist zijn uitwerking niet, georganiseerde sociale controle en geheime terreur en uit de weg werken van tegenstanders.

Het vredesverdrag van Versailles wordt omzeilt door de Luftwaffe op te richten in 1934, de Wehrmacht uitgebouwd in 1935.

Via wetten werd bepaald wie Duitsers zijn, en wie met wie mochten trouwen.

In 1937Â werden 8 van de 12 ministers ontslagen, en werd Hitler daardoor steeds meer alleenheerser en dictator. De Weimardemocratie was ten einde, het militarisme kwam opzetten, en werd wraak genomen op oude vijanden, antisemitisme vierde hoogtij, en het verdrag van Versailles werd herzien, en de communisten moesten het ook ontgelden, kortom, de touwtjes werden strakker aangehaald met enkel de NSDAP idealen voor ogen.

 In 1938 werd Oostenrijk bedreigd door Hitler met een oorlog, en waarna de Oostenrijkse premier aftrad en vervangen werd door nazileider Seyss Inquart, die al op 13 maart de Anschluss proclameerde met nazi Duitsland, en werd zo deel van nazi Duitsland.

Ook Sudetenland kwam bij Duitsland, onder voorwendsel, dat de regering van Tsjecho-Slowakije het Duitse deel van de bevolking mishandelde.

Hitler bereidde een invasie voor, maar door toedoen van Engeland en Frankrijk werd een compromis gevonden, en werd Sudetenland Duits gebied verklaart, zonder dat Tsjechoslowaakse regering daarbij vertegenwoordigd was.

In november 1938 wezen Duitsland en Italië zuidelijk Slowakije toe aan Hongarije, en annexeerde Hitler het overgebleven gebied in maart 1939, en werd Bohemen en Moravië tot Rijksprotectoraat.

En de wereld keek toe, enkel Engeland en Frankrijk namen Polen in bescherming, maar zij hadden Sudetenland wel richting Duitsland gemanoeuvreerd, omdat Polen ook door Hitler werd genoemd voor annexatie, maar toen Duitsland daadwerkelijk Polen binnenviel, deden beide landen niets. Â

Deed niemand dan iets om Hitler en de NSDAP te stoppen.

Politieke partijen werden verboden, hun leiders opgepakt, monddood gemaakt, of in het ergste geval vermoord.

De kerken protesteerden ook, niet dat alle gelovigen tegen de NSDAP waren, maar vele van hun leiders waren dat wel.

Al in 1933 kwamen de eerste verzetsgroepen tegen Hitler en de NSDAP op gang.

Het waren groepen, enkelingen, en vooral mensen uit de communistische arbeidersklasse, vrouwen en mannen die vanuit hun sociale of politieke motieven tegen waren. Ook militairen, adel, studenten en intellectuelen organiseerden zich, maar gezien de lange arm van de NSDAP, konden zij zich enkel in geheime zittingen en acties tegenacties ondernemen.

Ook vluchtschriften en ondergrondse kranten werden verspreid. Dat was zeker niet zonder gevaar, al in 1933 ontstonden de eerste werkkampen, waar tegenstanders opgeborgen werden, en daar ging het er niet zachtjes aan toe. In Emsland waren voordat de oorlog uitbrak al 15 kampen in gebruik, waar meerdere duizenden waren ondergebracht. Schattingen lopen uiteen, maar getallen van 15.000 dodelijke slachtoffers doen de ronde. En dan hebben we het niet over de periode van de oorlog, dan zijn het concentratiekampen, en de overgebleven kerkhoven nabij die kampen laten zien hoe men met mensen omging, massagraven van 25.000 zijn niet ongewoon.

Hieronder volgt een volstrekt willekeurige selectie.

Â

Dietrich Bonhoeffer, die als protestant theoloog, tegen het doden van mensen was, nam toch deel aan het maken van plannen, om Adolf Hitler om te brengen, zijn geloof gaf hem geen andere keus. Hij richte de Pfarrernotbund op samen met o.a. pastor Martin Niemöller op 21 september 1933, in januari 1934 hebben zij ca. 7000 leden, welke naam later veranderde in “Bekennende Kirche� (Christendom belijdend).

Het was de Zwitserse professor en theoloog Karl Barth, die een kritisch geluid liet horen over de toekomst van de Evangelische kerk. Als hij op gegeven moment na vele promoties, professor is aan de universiteit van Bonn, en kritisch steeds zijn geluid laat horen, ook mentor is en blijft van de “Bekennende Kirche�, weigert hij de Hitlergroet te brengen, en dat betekend ontslag als theoloog aan de universiteit, en keert hij terug naar Zwitserland, waar hij kritisch en mentor blijft.

Voor andere kritische leden van de “Bekennende Kirche�loopt het slechter af, Dietrich Bonhoeffer werd gearresteerd in april 1943 toen men ontdekte, dat geld wat van hem afkwam werd gebruikt om joden te laten vluchten naar Zwitserland, toen ook nog zijn aandeel in een verzetsbeweging bekend werd, moest hij zijn moed en aandeel bekopen met de dood na twee jaar gevangenschap, waarin hij veel geschreven heeft over theologische vraagstukken, hij werd opgehangen in het concentratiekamp Flossenbürg op 9 april 1945 samen met zijn broer Klaus, generaal Wilhelm Canaris en zijn zwager Hans von Dohnanyi, die samen als groep in 1943 de eerste aanslag op Hitler gepland hadden, maar die mislukte.

Ook pastor Herman Niemöller moest vanwege zijn kritische preken oppassen, hij had geluk, hoewel hij gearresteerd is in juli 1937 overleefde hij concentratiekamp Dachau, en werd door de Amerikanen bevrijd. 7 jaar bracht hij als persoonlijk gevangene van Hitler in de kampen door. Hij heeft in zijn gevangenschap vele gedichten geschreven. Een der bekendste is de volgende.

Toen de nazi’s de communisten arresteerden heb ik gezwegen;

Ik was immers geen communist.

Toen ze de sociaaldemocraten gevangen zetten heb ik gezwegen;

Ik was immers geen sociaaldemocraat.

Toen ze de syndicalisten kwamen halen heb ik gezwegen;

Ik was immers geen syndicalist.

Toen ze de Joden opsloten heb ik gezwegen;

Ik was immers geen Jood.

Toen ze de katholieken arresteerden heb ik gezwegen;

Ik was immers geen katholiek.

Toen ze mij kwamen halen

…was er niemand meer die nog kon protesteren.

In Dachau was een hele afdeling met geestelijken, zowel uit de evangelische als de katholieke kerk, zij waren te herkennen aan een groot wit kruis op hun kleding op de rug.

Pas te laat kwamen de vertegenwoordigers van de “bekennende Kirche� erachter, dat zij wel heel erg met hun theologische problemen waren bezig geweest, en de menselijke kant hadden veronachtzaamd. De vervolging van de joden, en alle andere misdaden tegen de menselijkheid, hadden zij wel is waar steeds veroordeeld, maar te weinig scherpe protesten hadden zij laten horen. Het zwijgen van het grootste deel van de kerk, was aanleiding om schriftelijk schuld te kennen voor het te weinig veroordelen van het Nazi regiem en zijn misdaden tegen de menselijkheid, in de zogenaamde “Stuttgarter Schuldbekenntnisses�, die de nieuw gevormde Evangelische kerk zich als een der eerste taken zag op 19 oktober 1945. Tot de ondertekenaars behoorde Martin Niemöller, die in het naoorlogse Duitsland een der belangrijkste theologen bleef. Hij overlijd 6 maart 1984 in Wiesbaden.

Â

Eugen Gerstemaier, een Evangelische theoloog, was sinds 1938 ook een tegenstander van de NSDAP. Samen met von der Schulenburg wilde hij al in juli 1940 een aanslag plegen op Hitler bij diens geplande bezoek aan Parijs, maar Hitler hield zich niet aan zijn agenda, en was al een maand eerder op 23 juni 1940 in het geheim in Parijs, samen met de architect Albert Speer en beeldhouwer Arno Breker. Hij was altijd al geinterresseerd in architectuur, en wilde in alle rust Parijs leren kennen, en had grootse plannen voor Berlijn, dat moest de stad worden waarbij Parijs in het niet zou vallen, tevens zou de naam Berlijn omgezet worden in Germania. Er bestaan foto’s van dat bezoek aan Parijs, en er staan vrijwel geen personen op vanwege het geheime karakter en het vroege uur, om 9.00 uur vertrok hij alweer, na de stad te hebben gezien.

Dat was voor Gerstenmaier en von der Schulenborg een tegebvaller, maar zij kwamen in contact met leden van het “Kreisauer Kreises�, waaronder Claus Schenk graf von Staufenberg.

Gerstemaier werd vanwege zijn contacten met de verzetsgroepering Het Kreisauer Kreises, na de mislukte aanslag op Hitler op 20 juli 1944 veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf en ondanks mishandelingen heeft hij niemand veraden, von der Schulenborg verging het slechter, hij raakte gevangen in een concentratiekamp en werd enkele weken later vermoord.

Na de oorlog werd Gerstemaier medeoprichter van de hulporganisatie Evangelischen Kirchen Deutschland, en vervolgens de langst zittende Bondsdagvoorzitter van 1954 t/m 1969.

Daarna raakte hij in opspraak door gebruik te maken van een schadeloosstellingsuitkering, hij had daar wel recht op, maar gezien zijn positie en de hoogte van zijn uitkering, werd het hem wel kwalijk genomen.

Een van zijn citaten is de volgende: “Asperges en mensen hebben een ding gemeen, als er een de kop opsteekt, wordt hij uitgestoken�.

Teruggetrokken uit de politiek stierf hij in 1986.

Â

Der “Kreisauer Kreis�, een verzetsgroep rond Helmuth James graf von Moltke, welke naam afgeleid was van het landgoed Kreisau, waar in 1942 een groep samenkwam om plannen te maken die tegen Hitler en de NSDAP waren. Tot die verzetsgroep behoorden adelijken, socialisten, geestelijken, maar ook officieren. Zij waren hoofdzakelijk bezig, om na het beëindigen van de oorlog een nieuw systeem voor staatkundig wetenschappelijk en sociale nieuwe orde te ontwikkelen, die overigens haaks stond op het Nationaal Socialisme.

Zij hadden een nieuwe orde voor Duitsland en Europa voor ogen.

Zij onderhielden contacten met vele andere verzetsgroepen in en buiten Europa

Zij hadden ook geweldloosheid voor ogen, maar gaandeweg de oorlog zagen zij ook wel in dat zonder de dood van Hitler er niets zou veranderen.

Maar al in januari 1944 was graf von Moltke gearresteerd, hij waarschuwde een vriend voor een vermeende arrestatie, en dat alleen was al voldoende voor de Gestapo om hem vast te zetten.

In juni 1944 werd contact gezocht met de communistische verzetsgroep van Anton Saefkow, Franz Jacob en Ferdinand Thomas, maar door verraad werden zij gearresteerd bij een 2e bijeenkomst op 4 juli 1944.

Contacten werden ook gelegd met radicalere groepen, ook met graf Claus von Staufenberg, die een aanslag op Hitler op 20 juli 1944 zag mislukken.

Na deze mislukking, werd door onderzoek de verbinding met het Kreisauer Kreis ontdekt, en mede daardoor een heel netwerk van verzetsgroepen in Duitsland.

Hun leden, Albrecht York von Wartenburg, Adolf Reichwein, Julius Leber, Hans Bernd von Haeften, Theodor Haubach, Adam von Trott zu Solz, Alfred Delp, Otto Kiep, Fritz Dietlof von der Schulenburg, Wilhelm Leuschner en Ulrich von Hassell werden alle begin 1945 in de Berlijnse gevangenis Plotzensee geëxecuteerd door ophanging.

Tegen hun leider Helmuth James von Moltke kon men niets bewijzen, omdat hij ten tijde van de aanslag al gevangen zat, maar enkel denken aan een nieuw Duitsland zonder Hitler, was al genoeg om hem op 23 januari 1945 ook in de gevangenis Plotzensee te Berlijn te executeren. Andere geestverwanten die meer geluk hadden, maar toch tot het gedachtengoed van het Kreisauer Kreis behoorden waren o.a. zijn vrouw Freya von Moltke , Otto Heinrich von der Gablenz, Eduard Waetjen, Lothar König, Carl Dietrich en Margrit von Trotha, Gustav Dahrendorf, Ernst von Borsig, Willi Brundert, Ludwig Schwamb, Albrecht Haushofer, Carlo Mierendorff en Theodor Steltzer. Verbindingen waren er met verzetsgroepen zoals o.a. Groep Sperr, groep Goerdeler, groep Leber en groep Reichwein.

Â

Georg Elsner, een 36 jarige meubelmaker, tegenstander van Hitler heeft zich in oktober/november 1939 vele nachten onopgemerkt laten opsluiten in de Bürgerbräukeller in Munchen, om zodoende dicht bij het spreekgestoelte een pilaar uit te hollen, en er een bom in te plaatsen, met de bedoeling om Hitler om te brengen als die zijn rede zou houden ter gelegenheid van de Putch in 1923.

Helaas voor hem en de wereld, op 8 november 1939, is Hitler 13 minuten voor het afgaan van de bom vertrokken naar het vliegveld, omdat slecht weer zijn vlucht naar Berlijn had vervroegd. Acht mensen komen daarbij om het leven, meer dan 60 zwaar gewond, maar om wie het ging was onderweg naar het vliegveld.

Georg Elsner was nadat hij de ontsteking had geactiveerd gevlucht richting Zwitserland, maar een half uur voordat de bom daadwerkelijk afging, was hij al toevallig gearresteerd, omdat hij de versperringen probeerde te omzeilen aan de grens met Zwitserland, men dacht een smokkelaar gegrepen te hebben.

Wel vond men enkele verdachte zaken bij hem, zoals een kaart van de Bürgerbräukeller, een onderscheiding van de Communistische Rotfrontkämpferbund en enkele verdachte metaalonderdelen, aanvankelijk wist men niet wat met hem aan te vangen, totdat er via de telex het bericht binnenkwam van de bomaanslag op Hitler.

Na zware verhoren bekende Johann Georg Elsner zijn daad op 14 november 1939. Hij was een overtuigd communist, maar ging zondag’s ook ter kerke. Men kon zich niet indenken, dat hij alleen in staat was geweest alles zo voor te bereiden, en alle hem na staande personen werden dan ook gearresteerd en naar Berlijn overgebracht voor verhoren, maar werden allen na enkele weken weer vrijgelaten. Na de aanslag kwam de propaganda uiteraard weer op gang, met een wonderbare redding van de fuhrer, maar werden er ook verdachtmakingen gemaakt richting geheime diensten van Engeland. Ondanks dat Elsner dezelfde avond al gearresteerd was, werd zijn naam pas op 21 november bekendgemaakt, en tevens werd vermeld dat twee Britse officieren van de geheime dienst zouden zijn gearresteerd. Heel Duitsland, maar ook regeringen in binnen en buitenland waren van mening, dat de Nationaalsocialisten deze aanslag zelf hadden beraamd uit propagandistische redenen. Maar beginjaren 60 van de vorige eeuw, ontdekte men de verhoor verslagen, en kon men onomstotelijk vaststellen dat een moedige daad van een persoon was.

Elsner werd na zware verhoren, waarbij martelingen aan te pas kwamen, als bijzondere gevangene van de führer in concentratiekamp Sachsenhausen terecht, met de bedoeling om hen na de overwinning in een showproces te veroordelen, maar op het eind van de oorlog werd hij overgebracht naar Dachau, en werd daar op 9 april vermoord, door persoonlijk bevel van Gestapo chef Heinrich Müller aan de kampcommandant van Dachau. Als motief werd verteld, dat bij een terreuraanval in de omgeving van Munchen, schutzhaftling (hechtenis ter bescherming van de staatsveiligheid) Eller deknaam voor Elsner dodelijk gewond was geraakt.

Â

Communisten, waren per definitie tegenstanders van Hitler en zijn NSDAP, en tot aan de machtovername van Hitler zijn felste tegenstanders. Toen Hitler evenwel de macht in handen kreeg, vluchten vele naar Rusland om van daaruit de strijd voort te zetten.

Maar Stalin was niet bereid om zomaar al die communistische vluchtelingen te helpen, integendeel zij werden ondergebracht in hotel Lux in Moskau, en werden onder strenge controle gehouden, en ingeschworen naar Stalins ideeën.

De naam Lux stond voor luxe, maar in het hotel was daarvan niets terug te vinden, donkere gangen en spartaanse inrichting, en een onvoorstelbare rattenplaag.

Toch hebben vele latere wereldleiders hier onderdak gevonden, Josip Broz beter bekend als Tito (Jugoslavië), Walter Ulbricht (Oost Duitsland), Wilhelm Pieck (Oost Duitsland), Matyas Rakosi (Hongarije), Herbert Wehner, Georgi Dimitroff (Bulgarijë), Ho Chi Min (Vietnam) Boleslaw Bierut (Polen) en nog velen meer. Stalin heeft hiermee een groot aantal vazallen, die aan hem verplicht waren, anders waren zij in het land van hun herkomst mogelijk in gevangenschap geraakt, als zij hier niet hadden kunnen verblijven. Wanneer men niet in het gareel van Stalin liep, waren s’morgens sommigen verdwenen, en hoorde men nooit meer iets van hen. Ook hier had Stalin duidelijk grote invloed. Ca. 25 jaar lang was dit het middelpunt van de Wereldrevolutie, waar ca. 600 vooraanstaande communisten leefden en met elkaar droomden van de arbeidersklasse die de wereld zou beheersen, maar volledig afhankelijk van Stalin..

Het was overigens de KPD (Kommunistische Partij Duitsland) die samen met de NSDAP (Nationaal Socialistische Partij Duitsland) hun vermeende tegenstanders bevochten, de Sociaaldemocraten als zijnde de doodsvijanden van de arbeidersklasse, dat verhinderde de samenwerking met andere linkse partijen om zo samen tegen de NSDAP op te treden.

Toen de communisten erachter kwamen dat zij eigenlijk voor het karretje van de NSDAP gespannen waren, en ook de Rijksdag door Marinus van de Lubbe in brand gestoken was, keerde het tij. Na de brand werden alleen al in Berlijn1500 communistische functionarissen en vertegenwoordigers in de Rijksdag gearresteerd, in Beieren 4500, en in het gebied van Rijn Mainz 8000 communisten gearresteerd. Zij die niet gearresteerd werden, namen de vlucht naar het buitenland, om van daaruit de strijd voort te zetten.

Â

Erich Honecker, al op 10 jarige leeftijd, was hij lid van de communistische kindergroep, dat lidmaatschap zal door zijn ouders zijn aangemeld, en daaruit mag men concluderen, dat het communisme hem met de paplepel is ingegoten. In zijn ouderlijk huis worden Stalin, Liebknecht en Rosa Luxenburg, bijna als heiligen vereerd. Met 14 was hij lid van de communistische jeugdbond, en met 18 jaar werd hij lid van de communistische partij Duitsland in 1930. Vervolgens brengt hij 1 jaar in Rusland door, om daar de internationale Lenin school te boezeken. Vanaf 1933 is hij een der inspirators van tegenstanders van het nationaal socialisme, en dat heeft hij geweten. Hij kon dat gerust doen, want wonende in Saarland, dat autonoom was, had de NSDAP aldaar geen zeggenschap. Maar toen bij verkiezingen in 1935 van de 570.000 stemgerechtigden er 470.000 voor inlijving bij Duitsland stemden, was het met de organisatie van Honecker snel gedaan, de NSDAP hield hem al in de gaten, en bij een koeriersreis naar Berlijn met valse papieren, werd hij in augustus 1935 gearresteerd en uiteindelijk wegens hoogverraad gevangen gezet.

Dat resulteert in een gevangenisstraf van 1937 t/m 1945 in de gevangenis Brandenburg Görden. Na de oorlog krijgt hij contact met de groep Ulbricht, en stijgt zijn ster binnen de communistische partij, en in Oost Duitsland, waar hij het tot hoogste functionaris brengt na Water Ulbricht. Wel wordt hem na de val van de muur, wanneer hij al is afgelost door Egon Krenz, de doden aangerekend die bij hun vluchten zijn neergeschoten, ambtsmisbruik en corruptie, maar ernstig ziek als hij was door leverkanker, werd hij op vrije voeten gesteld waarna hij uitwijkt naar Chili en op 29 mei 1994 komt te overlijden.

Â

Clemens August von Galen, bisschop van Münster, die in juli en augustus 1941 fel predikte tegen het Nazisme en Hitler, vooral tegen de praktijken van de euthanasie op joden, geesteszieken en gehandicapten. In scherpe bewoordingen veroordeelde hij de ideologie van de NSDAP. Maar Hitler had niet de moed hem te arresteren, hij had teveel aanhangers binnen de katholieke kerk. Ondanks het feit, dat hij, toen hij tot bisschop benoemd werd, verplicht was aan Hitler die al aan de macht was, trouw moest zweren, heeft hij nimmer een blad voor de mond genomen, en liet zich door niemand de mond snoeren als hij onrechtvaardigheid waarnam. In zijn eerste bisschoppelijke brief al, hekelde hij het nieuwe heidendom van de nazi’s, vooral de verering van het Germaanse bloed en ras, stuiten hem tegen de borst. Het verwijderen van kruisen in scholen en gebouwen, werd door hem verhinderd. De pauselijke encycliek, “Met Brandende zorg�, waarbij de paus Pius XI zich bezorgd toont over het nazi regime en de daarbij gaande rassenwaan, werd in het geheim in heel Duitsland verspreid, waarvan ongeveer de helft in het diocees Münster. Zijn aanhang kwam steeds in grote getale naar zijn kerk, de Dom in Münster 7 tot 9000 kerkgangers was niet ongewoon. In de oorlog werden katholieke drukkerijen verboden, kloosters gesloten, priesters gearresteerd. Dat was voor von Galen de reden om zijn beroemde preken te houden tegen de willekeur van de Nazi’s, en de euthanasie van zogenaamde nutteloze mensen. Geallieerde vliegtuigen strooiden zijn preken over heel Duitsland, zodat iedereen er kennis van kon nemen. De nazi’s onderbraken hun euthanasie praktijken, maar gingen later er toch mee verder, zij het in het diepste geheim. En voor van Galen hadden zij een boodschap, na de eindzege, zouden zij met hem afrekenen, maar dat weerhield hem er niet van, om zijn mond open te doen.

Maar hij overleefde de oorlog en de nazi’s, en kwam op voor de gewone Duitser na de oorlog, hij veroordeelde de Britse bezettingsmacht voor hun ongenuanceerde veroordelingen van Duitsers, en verloor daarbij de sympathie van de Engelsen.

Op 21 februari 1946 werd hij in Rome tot kardinaal benoemd, en werd bij terugkeer in Münster door ca. 50.000 mensen bejubelt, hij overleefde alles, maar een doorbroken blindedarm deed hem de das om, hij stierf onverwachts op 22 maart 1946. Paus Benediktus XVI verklaarde kardinaal von Galen op 9 oktober 2005 zalig.

Â

Rote Kapelle, onder die naam werden door de Gestapo meerdere groepen samengevoegd, enkel omdat zij in contact zouden staan met Moskou, wat maar te dele waar was. Het waren kleine groeperingen of individuele, waarvan sommigen in contact stonden via radiocontact met Moskou. In 1942 werden verschillende van die kleine groeperingen gearresteerd, omdat zij vluchtschriften verspreidden, van de 149 gearresteerden, overleefden 49 die arrestatie niet. Een andere groep was die van de groep rondom de diplomaat Rudolf von Sheliha, die van zijn diplomatieke staus gebruik maakte om meerdere joden en vervolgden in Polen te helpen, ook hij moest wegens hoogverraad zijn leven geven in september 1944.

Â

Carl Friedrich Goerdeler, van 1920 -1930 2e burgemeester van Königsbergen, en sinds 23 mei 1930 burgemeester in Leipzig. Hij was bevriend met de toenmalige Rijkskanselier Heinrich Bruning, die hem benoemd tot prijzencommissaris in 1931.

En ondanks dat hij geen lid was van de NSDAP, mocht hij aanblijven als burgemeester van Leipzig, en werd in 1934 opnieuw benoemd tot prijzencommissaris. Vanwege zijn kritiek op het economisch beleid van de nazi’s, kwam het niet tot een herbenoeming tot prijzencommissaris. Ook keerde hij zich fel tegen de kerken en rassenpolitiek van de nazi’s, en nam het op voor de joden in zijn stad, en gaf hen bescherming waar hij kon. In 1936 toen hij in het buitenland verbleef, vernielden nazi’s het standbeeld in Leipzig van de componist Felix Mendelsohn, Goerdeler was woest en deed pogingen om het beeld gerestaureerd te krijgen, wat hem door de nazi’s onmogelijk werd gemaakt. Uit protest stelde hij zich niet meer herkiesbaar als burgemeester, en trad terug in 1936 mede ook omdat hij zich niet kon verenigen met de praktijken van de NSDAP.

Tussen 1936 en 1940 verbleef hij veel in het buitenland, en sprak met vele politici over het Duitsland onder Hitler, en ook al was hij tegen de politiek van Hitler en de NSDAP, hij eiste wel dat bij de vrede van Versailles verloren gegane grondgebieden weer terug zouden komen bij Duitsland.

Toen bij het verdrag van München, Tsjechisch Sudetenland weer bij Duitsland gevoegd werd, stond hij daar zeker niet afwijzend tegenover, maar zag ook in dat hooggeplaatste militairen mede daardoor niet meer zo geneigd waren een staatsgreep tegen Hitler te beramen.

Voor en tijdens de oorlog, verzamelde hij een grote groep vaak conservatieve medestanders om zich heen, waaronder Ludwig Beck voormalig generaalstafchef, die contacten onderhield met militaire verzetsbewegingen. Deze conservatieve groepering, was voor de invoering en terugkeer van de keizer, en een regering met het twee kamer systeem.

Samen met de voormalige minister van financiën van Pruissen, Johannes Popitz schreef hij alvast een nieuwe voorlopige grondwet.

Het Kreisauer Kreis, had vrijwel dezelfde ideeën, maar had meer een verenigd Europa voor ogen, en zeker geen terugkeer van de monarchie, en was ook veel minder conservatief.

Toch voelden beide groepen zich verbonden, en onderhielden ook nauwe banden, als bemiddelaar trad op Ulrich von Hassell, voormalig ambassadeur in Rome, hij zocht in binnen en buitenland verzetsgroepen om samen te werken.

Uit christelijke overtuiging, was de groep Goerdeler tegen een moordaanslag tegen Hitler, maar het Kreisaer Kreis had daar minder moeite mee, omdat zij zagen dat het de enige weg was Hitler en de NSDAP te stoppen.

Ook werden er contacten onderhouden met de zogenaamde “Freiburger Cirkel�, een groep van hoogleren aan de universiteit aldaar met o.a. Walter Eucken, Constantin von Dietze, Gerhard Ritter, Adfolf Lampe en Erich Wolff.

Maar toen de leider van het Kreisauer Kreis von Moltke min of meer bij toeval werd gearresteerd, werd de aanslag door von Staufenberg verder voorbereid, helaas zonder resultaat.

Toen men er achter kwam, dat de samenzweerders Gordeler tot kanselier wilden maken als de staatsgreep was gelukt, werd een arrestatiebevel tegen Goerdeler uitgevaardigd, met 1 miljoen rijksmark als beloning, maar Goerdeler was en bleef onvindbaar. Hij had op 20 juli Berlijn verlaten, en zwierf van het ene onderduikadres naar het andere, zich ervan bewust dat de mensen waar hij verbleef het niet zouden overleven als hij ontdekt zou worden. Hij vertrok uiteindelijk naar zijn geboortegrond in West Pruissen, vergezeld van zijn rugzak en begint daar een rondtrekkend leven. Helaas herkent een vrouw in een herberg hem op 12 augustus 1944, en brengt hem aan bij de Gestapo, zij ontvangt daarvoor 1 miljoen rijksmark als beloning.

Goerdeler wordt ondervraagd, gemarteld en vastgezet in Berlijn in de Plötzensee gevangenis, en uiteindelijk ter dood veroordeelt wegens hoogverraad.

Het vonnis werd overigens niet direct voltrokken, men probeert nog informatie van hem te verkrijgen. Goerdeler stelt vele verklaringen op, en om tijd te rekken maakt hij daarvan hele ingewikkelde verhalen van, welke maar dat bleek later, voor de Gestapo geen enkel nieuw feit met zich meebracht.

Goerdeler hoopte zo tijd te winnen, en mogelijk zijn bevrijding door de oprukkende geallieerde legers nog mee te maken, ook verbeterde hij het systeem en de administratie van de gevangenis Plötzensee op verzoek van enkele Intellectuele Gestapo ambtenaren, maar helaas, op 25 februari 1945 werd de dan 60 jarige Carl Friedrich Goerdeler op aandringen van de rijksminister van justitie Otto Georg Thierack op de binnenplaats van de gevangenis Plötzenzee in Berlijn onthoofd.

Ook Ulrich von Hassell heeft zijn aandeel ook met de dood moeten bekopen op 8 september 1944 werd hij veroordeeld, en dezelfde avond noch geëxecuteerd.

Â

Eberhard von Breitenbruch, een officier in het Duitse leger, is in maart 1944 naar Hitlers Obersalzberg afgereisd, om met een doorgeladen en getrokken pistool te proberen Hitler om te brengen, maar hij werd die dag niet tot Hitler toegelaten.

Kapitein von Breitenbruch was benaderd door von Tresckow, hij was als adjudant toegevoegd aan het hoofdkwartier van veldmaarschalk Busch, welke overigens een trouwe aanhanger van Hitler was en een fanatiek nazi.

Op 11 maart 1944 is er een bespreking op de Obersalzberg, het buitenhuis van Hitler waar veldmaarschalk Busch ook aanwezig moet zijn, zijn adjudant kapitein von Breitenbruch vergezeld hem, zoals een goed adjudant betaamt.

Hij heeft overigens een pistool in zijn broek verstopt, waarmee hij Hitler door het hoofd wil schieten, hij vertrouwd erop dat hij sneller is dan de lijfwachten van Hitler, dat hijzelf daarbij ook om het leven zal komen, neemt hij op de koop toe.

Veldmaarschalk Busch wordt toegelaten, en ondanks protesten van veldmaarschalk Busch, en andere hoge officieren, mag zijn adjudant niet naar binnen. Eerder op die dag had Hitler bevolen om geen lagere officieren toe te laten, en daar hield de SS lijfwachten zich aan.

De samenzweerders maakten nieuwe plannen, die uiteindelijk leidden tot de aanslag van 20 juli 1944. Opvallend genoeg bleef Eberhard von Breitenbuch hierbij buiten schot, zijn betrokkenheid in maart en juli is nooit aangetoond gebleken.

Â

Ook Duitsers in het buitenland, gevlucht of niet, waren in verzet.

Stefan Heym, schrijver had Duitsland voor het begin van de oorlog al verlaten, in juni 1944 vocht hij aan de zijde van de geallieerden mee.

Thomas Mann en Heinrich Mann, zonen van een senator uit Lubeck.

Klaus Mann, Golo Mann, Erika Mann, kinderen van Thomas Mann.

Allen vanuit hun ballingschap, tegen het Nazi regiem. De hele familie schreef voor artikelen voor antifascistische tijdschriften. Werkten tijdens de oorlog voor de Britse BBC, en de Franse radio. De zonen namen vrijwillig dienst in het Amerikaanse leger.

Na de oorlog speelden zij een vooraanstaande rol in Duitsland.

Â

Claus Schenk graf von Staufenberg, een naam die vrijwel iedereen kent, als de dader van een aanslag op Adolf Hitler op 20 juli 1944. Geboren in een adellijke familie, zijn de drie broers altijd in een beschermde omgeving opgegroeid, zich terdege bewust van hun afkomst. Hebben de broers allen een rechtenstudie voltooid, gaat de jongste Claus ca. 1926 naar een officiersopleiding in het leger. Niet ongewoon, er dienden onder keizer Wilhelm ca. 10.000 adellijke mannen in het leger, in de 1e wereldoorlog was dat aantal drastisch teruggelopen tot ca. 900 personen, maar in 1935 was hun aantal al weer gestegen naar ruim 2300.

Duitse adel en het leger, waren nu eenmaal al van oudsher sterk met elkaar verbonden.

Claus von Staufenberg wilde aanvankelijk architect worden, maar koos uiteindelijk toch voor het leger, om mee te werken aan een groot Duitsland, maar niet voor de gekozen democratie onder de zogenaamde Weimar republiek.

Hij was aanvankelijk een bewonderaar van Hitler, zoals zovele in die slechte tijd.

Ook omdat hij met zovele de vrede van Versaille een schandvlek vond voor Duitsland.

Hij trouwde met de 20 jaar jonge Nina von Lerchenfeld, en kregen 5 kinderen. Hij kon zich in en met het Nationaal Regime aanvankelijk goed vinden, maar bij de Rijkspogromnacht op 9 november 1938 keerde het tij, waarbij tientallen synagoges in brand gestoken, en talrijke joden werden vermoord. Nog niet zozeer vanwege de joodse slachtoffers, maar meer het imago dat Duitsland ermee opbouwde in de wereld. Ook met het begin van de oorlog, met de inval in Polen, later Frankrijk en Rusland had hij geen moeite. Maar gaandeweg vroeg hij zich af, zeker na de desastreus verlopen nederlaag in Rusland, met meer dan 1 miljoen doden en gewonden, waarbij mede zijn manschappen werden opgeofferd, of dat nog wel te verenigen was met de eer van Duitsland.

Toen daarbij de jodenvervolging, en het vermoorden van krijgsgevangenen nog bijkwam.

In de zomer van 1942 kwam hij tot de overtuiging, dat Hitler gestopt moest worden, en met hem waren meerdere militairen die mening toegedaan.

In februari werd hij naar Tunesië gestuurd, en werd hij op 7 april getroffen door bomsplinter, waarbij hij zijn rechterhand, twee vingers van de linkerhad en zijn linkeroog moest missen. Na in een noodhospitaal zover herstelt te zijn , kwam hij naar Munchen om volledig te herstellen, en kreeg daar tijd om na te denken. En ondanks dat hij niet meer geschikt was voor het leger, wilde hij toch zijn vaderland blijven dienen, en werd na zijn herstel toegevoegd aan Friedrich Olbrecht algemeen leider van het leger, ook hij was lid van een verzetsorganisatie, met o.a. Henning von Treckow, Ludwig Beck en zijn broer Bertold von Staufenberg, Zijn woning werd het middelpunt van de groep onder de naam “Operatie Walkure�.

Claus von Staufenberg zou de uitvoerder van de aanslag worden, ook omdat hij benoemd werd tot overste en stafchef van het reserveleger, en zodoende direct in de nabijheid van Hitler kon komen zonder dat hem iets in de weg gelegd zou worden, en Henning von Treckow naar het Oostfront werd gestuurd.

Hij heeft zijn aanslag voorbereid en uitgevoerd, maar het resultaat voldeed niet aan de verwachting, Hitler werd slechts heel licht gewond, terwijl 5 anderen zwaar gewond, en enkele dagen later alle aan hun verwondingen bezweken. Al voor het middernacht werd, was Claus von Staufenberg al in Berlijn gearresteerd, en standrechterlijk doodgeschoten.

Ook zijn broer Berthold Schenk graf von Staufenberg werd gearresteerd en terechtgesteld. De derde broer Alexander en zijn gezin waren ten tijde van de aanslag in Griekenland, maar werd gevangen gezet evenals de drie echtgenotes, al hun kinderen werden naar een weeshuis gestuurd.

Â

Die Weisse Rose, opgericht door Sophie en Hans Scholl, en waarbij meerdere studenten betrokken waren.

Studenten aan de universiteit van München, die heimelijk vluchtschriften tegen het nazi-regime verspreidden in de jaren 1942 en 1943. Zij drukten hun kritiek op het Nazi regime uit, door middel van hun kleding, muziek en levensstijl.

Maar politiek gemotiveerde tegenstand aan universiteiten waren er over het algemeen weinig. Beiden waren zij lid van de Hitler jugend, niet van harte, maar verplicht zoals voor iedereen. Gearresteerd in 1937, omdat zij lid waren van een verboden jeugdbond.

Ingeschreven in de universiteit van München in 1942, richten zij de verzetsgroep Die Weisse Rose op, en verspreiden in juni 1942 hun 1e vluchtschrift. In januari 1943 komt hun 2e vluchtschrift, in grote oplage. Schrijven in februari 1943 s’nachts op huizen in München allerlei leuzen.

Als Sophie en Hans Scholl op 18 februari 1943 met een koffer en aktetas bewapend vol vluchtschriften van boven uit de lichtkoepel naar beneden willen laten dwarrelen, worden zij gesnapt door de huismeester, die hen in bedwang houd totdat de Gestapo gearriveerd is.

Hans en Sophie Scholl en vier kameraden worden gearresteerd, en na een kort proces veroordeeld door Roland Freisler een zeer berucht nazi rechter. Hans en Sophie Scholl alsmede Cristoph Probst worden nog dezelfde avond onthoofd. Willi Graf, Alexander Schmorell en hun professor Kurt Huber werden ook terechtgesteld. Willi Graf pas na maandenlange zware verhoren. Andere leden werden bij langlopende processen veroordeelt tot gevangenisstraffen tot soms 12 jaar.

Ook in de universiteit van Hamburg kwam het tot het verspreiden van vluchtschriften van Die Weisse Rose, daar verspreidde Heinz Kucharski vluchtschriften die hij verkreeg van Traiute Lafrenz, daarbij geholpen door een groep medestudenten. In de herfst van 1943 lopen ook zij tegen de lamp, Hans Konrad Leipelt, Reinhold Meyer, Frederick Gaussenheimer, Curt Ledien, Käte Leipelt, Greta Rothe, Elisabeth Lange en Margarethe Mrosek komen allen om in gevangenschap, of aan andere gevolgen daarvan. Heinz Kucharski ziet kans aan zijn arrestatie te ontkomen

Â

Edelweisspiraten en Swingjugend, Â het regime vond hen onaangepast, vandaar dat zij zo werden, zij protesteerden en verzetten zich tegen hun onderdrukking als lid, later verplicht lid van de Hitler Jugend of de Bund Deutsche Madels, maar vooral tegen de militaire discipline en tucht waarop hun organisaties werden geleid, en tegen de oorlog.

Zij gedroegen zich ook anders, hadden een eigen kledingkenmerken en hadden in de praktijk ook een andere vorm van vrijetijdsbesteding, en hielden van jazz, dat alles ging in, tegen de gemeenschappelijke ideologie van de NSDAP.

In 1940 komt er een politieverordening, dat 18 jarigen het bezoeken van danslokalen verbied.

De Gestapo heeft velen van hen vervolgd als zijnde vervreemd van de gemeenschap, die niet in de pas wilden lopen met de voorgeschreven wetten van de NSDAP. Konden zij eertijds nog redelijk anders functioneren, vanaf 25 maart 1939 was dat bij de invoering van het verplichte lidmaatschap van de Hitler Jugend afgelopen. Leden die zich identificeerden met de Edelweisspiraten of Swingjeugd, vonden zich in hun vrijheid beperkt. Het was een doorn in het oog van de Nazi’s, dat zij wandelingen maakten en overnachten in tenten, waarbij de meisjes ook welkom waren, lange haren hadden, korte leren broeken droegen, skihemden, halsdoeken enz. De Gestapo trad hard op tegen onwillige leden, en arresteerde velen van hen. De meeste van hen waren in het Ruhrgebied woonachtig. In augustus 1941 worden alleen al in Keulen 3000 personen verdacht Edelweispiraat of Swingjeugd te zijn, en werden zij angstvallig in de gaten gehouden, in Duisburg, Düsseldorf, Essen en Wuppertal werden bij een razzia 739 leden opgepakt.

Fanatieke leden van de Hitler Jugend, werden ook door deze Edelweispiraten in de val gelokt, en werden dan vervolgens afgeranselt, ook vluchtschriften werden door hen verspreid. In 1942 verordonneert Himmler, om leden van de Swingjeugd te arresteren en naar arbeidskampen over te brengen, om ze daar op te voeden.

Maar de realiteit is dat velen in jeugdconcentratiekampen worden opgesloten. Enkelen zoals Günter Discher lid van de Hamburger Swingjeugd, zat vanaf januari 1943 tot het eind van de oorlog in kamp Moringen, zijn enige misdaad was, dat hij een verzameling van 400 platen had die hij verkreeg via een bevriende soldaat die in Denemarken gestationeerd was, en die hem per legerpost liet bezorgen. Hij speelde die af in en bij gelegenheden voor zijn vrienden in Sankt Pauli.

Bartholomäus Schink was ook zo iemand, hij werd gearresteerd in 1944 in Keulen, op hem werd een bijzondere verhandeling toegepast, hij werd door de Keulse Gestapo op 1 november 1944 veroordeeld, en werd ook door hun beul geëxecuteerd op 10 november 1944, samen met nog 23 anderen onder wie Hans Steinbruck hoofd van een verzetsgroep in wiens nabijheid Bartholomäus Schenk was gearresteerd. De druk op de Hitler Jugend nam toe, vooral in het laatste oorlogsjaar, waarbij zij het luchtafweer vaak moesten bedienen, velen zijn bij zulke gelegenheden gedeserteerd. Na de 2e wereldoorlog, raakten deze Edelweispiraten en Swingjugend in vergetelheid, maar kunnen zich met de aanwezigheid van geallieerde troepen natuurlijk wel uitleven met hun voorliefde voor jazzmuziek.

In de jaren 80 van de vorige eeuw toch de eer die hun toekwam, doordat hun verzet hier en daar toch de erkenning kreeg die het verdiende.

Op 16 juni 2005 werd in een plenaire vergadering door het Keulse Regeringspresidium, hun daden als verzetsdaden erkend. De realiteit was natuurlijk ook, dat zij rebellerend, puberend, en vrij wilden zijn van overheidsbemoeiingen, en zeker geen controle van de nazi’s wilden.

Â

Rozenstraat 2-4. In de vroege ochtend van 27 februari, arresteren leden van de SS en de Gestapo, duizenden joden en brengen ze onder in verzamelkampen.

Wie een niet joodse echtgenote had, of een kind uit een gemengd joods arisch huwelijk, werd overgebracht naar de Rosenstrasse 2-4 in Berlijn.

In de loop van de avond en de volgende dag, verzamelden zich daar de vrouwen van hun mannen met vaak hun kinderen daarbij. En ondanks zware intimidatie en bedreigingen met machinegeweren, lieten zij zich niet wegjagen.

Op 1 maart was er een transport van ruim 1.700 joden die enkele dagen daarvoor opgepakt waren richting Auschwitz, en diezelfde dag vonden er zware bombardementen plaats op Berlijn door de Engelsen. Ook in de Hamburgerstraat vonden protesten plaats, daar waren nieuw gearresteerden uit gemengde huwelijken ondergebracht.

Na 1 maart, kwamen er meer transporten richting Auswitsch, en vrijwel alle gearresteerde joden van enkele dagen daarvoor gingen richting Auswitsch, ca. 15.000. Ook diegenen uit gemengde huwelijken, die het niet gegeven waren in de Rozenstraat ondergebracht te worden.

Op 6 maart werden de meeste van de 1500 gevangenen vrijgelaten uit de Rozenstraat 2-4.

Als reden, dat de gevangenen vrijgelaten zijn, werd aangevoerd, dat de Nazi’s het niet aandurfden een bevolkingsoproer te veroorzaken, zeker niet na het bekend worden van de verpletterende nederlaag in Stalingraad, en na zware bombardementen van de Engelsen.

Deze vrouwen, die openlijk de nazi’s trotseerden komt de eer toe, dat zij de enigen waren die de Nazi’s en hun terreurregering openlijk verzet hebben geboden, en het kunnen navertellen.

Â

De Ritchie Boys, voornamelijk gevluchte jonge joden, intellectuelen, kunstenaars en studenten, die voor de Nazi’s Duitsland waren ontvlucht, uit Duitsland en andere delen van Europa. Zij waren ondergebracht in Camp Ritchie, in de dun bevolkte gebieden van Maryland, het werd ingericht voor ca. 6.000 personen, met eigen voorzieningen, en werden toegevoegd aan het Amerikaanse leger. Zij waren niet uitgerust met wapens, hun wapens bestond uit een psychologische oorlogsvoering met behulp van vlugschriften, luidsprekers en radio-uitzendingen richting het Duitse leger en de Duitse bevolking. Het aantal waaruit gerekruteerd kon worden, was groot, tussen 1933 en 1940 vluchten naar schatting ca. 100.000 personen richting de USA, en een groot deel van hen werd of was bij de Ritchie Boys betrokken. Belangrijk was uiteraard, dat men de Duitse taal uitstekend beheerste. Ook de schrijversfamilie Mann maakte o.a. deel uit van die groepering.

Ingezet werden zij in Afrika in 1943, op Sicilië bij de landing aldaar in juli 1943, en op D-Day op 6 juni 1944. Velen zijn ook via parachutes neergelaten achter de verschillende linies in vooral Duitsland. Ook werden zij ingezet voor ondervraging van krijgsgevangen Duitse militairen, om zodoende belangrijke informatie los te krijgen, minsten 150.000 ondervragingen zijn zo gevoerd, en belangrijke informatie werd op die manier verkregen.

Â

Aanslagen op Hitler, behalve de twee eerder beschreven en algemeen bekende bomaanslagen op Hitler, zijn er meerdere aanslagen geweest. Maar de geheime dienst van de Gestapo, liet niet alle aanslagen of pogingen daartoe in de openbaarheid verschijnen, zodat het moeilijk is daarvan bevestiging te krijgen. Een aantal van 40 is wel eens genoemd. Al in november 1921 is al eens op hem geschoten, bij gevechten tussen communisten en leden van zijn partij de NSDAP. Als hij in 1933 tot kanselier is verkozen, zijn al 4 aanslagen op hem mislukt, waaronder een poging tot vergiftiging in hotel Kaiserhof in Berlijn. Bijna wekelijks kwamen er moord bedreigingen binnen bij de Rijkskanselarij, maar niet duidelijk is, of die allemaal serieus genomen moesten worden, of dat het propaganda was. Zeker is in elk geval wel, dat hij veel vijanden had, zeker bij hen die onderdrukt werden.

Na de Rijksdagbrand van februari 1933, werden de communisten onbarmhartig vervolgd, en was het niet verwonderlijk dat er bij de communisten een verzetsgroep onder leiding van Karl Lutter ontstond, die vastbesloten was om Hitler om te brengen door hem op te laten blazen voor de verkiezingen van maart 1933. Helaas werd de groep verraden en gearresteerd, maar omdat zij nog niets ondernomen hadden, ontbrak elk bewijs en moest de Gestapo hen weer laten lopen. In latere jaren waren zij beslist niet vrij gekomen, en hadden ze het zeker niet na kunnen vertellen.

In 1935 zijn er twee plannen voor aanslagen ontdekt in Berlijn, een van de groep Markwitz-Gruppel en een van de groep van Dr. Paul Jozef Sturmel.

Ook de joodse architectuurstudent Helmut Hirch, was van plan om met een zelfmoordpoging zichzelf en Hitler op te blazen in 1936 op de partijdag in Neurenberg. Hij werkte samen met Otto Strassner, een der naaste medewerkers van Hitler van het 1e uur, maar later in ongenade gevallen, en een bruine oppositie vanuit Wenen, Praag en Parijs tegen Hitler organiseerde, het Zwarte Front genaamd. Helaas voor Helmut Hirch, bij het oversteken van de grens werd springstof bij hem ontdekt, gearresteerd en geexcecuteerd.

In 1937 is de psychis zieke Josef Tomas met een geladen pistool in de Rijkskanselarij gearresteerd.

In 1938 bereid Generaalstafchef Halder een Staatsgreep voor, maar door ontdekking is dat vroegtijdig verijdeld.

 De tegenstander van Hitler, en voormalig Staalhelmleider en Freikorpsstrijder Friedrich Wilhelm Heinz, bereid een stormloop voor op de Rijkskanselarij, waarbij Hitler doodgeschoten zou moet worden, maar ook dat plan gaar niet door.

Alexander Footh, een Engelse spion wil een aanslag plegen op een terras van een uitspanning, als ook Hitler daar plaatsneemt.

Ook twee pogingen tot moordaanslagen op Hitler van de Zwitserse theologiestudent Maurice Bavaud in Munchen en op de Obersalzberg gaan niet door.

In 1939 dan de bomexplosie in de Bürgerbräukeller van Georg Elsner, en een poging tot moordaanslag van de diplomaat Erich Kordt in Berlijn.

1940 wil Generaal Erwin von Witzleben, Hitler ombrengen bij zijn bezoek aan het front in Frankrijk.

In de jaren 1940 t/m 1944 zijn er meerdere pogingen om Hitler om te brengen, de bekendste daarvan zijn de verzetsgroepen onder Nikolaus von Halem en Beppo Romer, ook vele pogingen van wehrmachtofficieren, zeker na zware verliezen in het leger, en een plan tot een moordaanslag van Oberluitenant Ewald von Kleist, plannen ook van Ritmeester Eberhard von Breitenbuch, en de bekendste de bomaanslag van Claus Schenk graaf von Staufenberg.

Voordat de oorlog uitbrak, was het niet onmogelijk geweest om Hitler om te brengen, hij onderhield zich namelijk graag met zijn volk, en ging zeer regelmatig zonder bewaking of lijfwachten op pad. Hij maakte vaak persoonlijk het hek open, als er bezoekers zich bij Bergtesgarten melden. Maar hoe verder de oorlog zich afspeelde hoe meer hij bewaakt werd, en waren pogingen enkel weggelegd voor mensen uit het leger, die dicht bij hem konden komen. De propaganda machine liep wel op volle toeren, bij elke mislukte poging of ontdekkingen van aanslagen, werd er gehamerd op de onoverwinlijkheid van Hitler, en het moet gezegd, hij heeft helaas ongelooflijk veel geluk gehad bij al die pogingen om hem om te brengen.

Â

Ludwig Beck, een der belangrijkste verzetsleden, die reeds in WO I officier was, en in de daarna ontstane Weimar republiek het bracht tot Generaal majoor. Hij was aanvankelijk medestander van de Nationaal Socialisten, omdat die zich teweer stelden tegen de uitkomsten van het verdrag van Versailles, en omdat zij een groot leger, en een groot en meetellend Duitsland voor ogen staan. Al snel volgt voor hem de teleurstelling, zeker na de brutaliteiten van de nieuwe bij de Röhm-putsch, en de krijgsplannen van Hitler.

Als Hitler Tsjechië wil bezetten, is hij tegen, en verzoekt Ludwig Beck om ontslag uit het leger, en op 18 augustus 1938 treed hij terug.

Officieel is hem ontslag verleent in oktober 1938, hij is de enige Duitse generaal die vrijwillig uit het leger ontslag neemt.

Na zijn ontslag, leeft hij teruggetrokken in zijn woning in Berlijn, maar wel angsvallig in de gaten gehouden door de Gestapo. Doch zijn superioriteit en zijn diplomatiek optreden, stelt hem in staat om verbinding te zijn tussen verzetsgroepen van burgerlijke en militaire aard.

Samen met de al eerder genoemde burgemeester Carl Friedrich Goerdeler plannen, waarbij niet de krijgsvoering of expansiedrift een grote rol speelden, maar hoofddoel waren het machtsmisbruik en de daarmee gepaard gaande gruwelijkheden.

Generaal Beck was aanvankelijk ook geen voorstander van het uit de weg ruimen van Hitler, maar de aanhoudende luchtbombardementen, de verpletterende nederlaag bij Stalingrad, en de gruweldaden in Oost Europa, brachten hem op andere gedachten.

Na de putsch, zou Ludwig Beck als generaal stadhouder voorlopig de touwtjes in handen nemen. Maar de aanslag op Hitler mislukte, Claus Schenk von Stauffenberg en enkele anderen worden nog diezelfde avond standrechterlijk doodgeschoten, Ludwig Beck wordt gevangen gezet in het Bendlerblock. Daar is hem tot tweemaal toe verzocht om zelfmoord te plegen, om zo de eer aan zich zelf te houden, maar hij weigert daartoe, tot slot schiet een aanwezige Feldwebel van de Wehrmacht, die hem ter plekke dood ook nog op 20 juli 1944, de dag van de mislukte aanslag op Hitler.

Â

Kurt Gerstein, lid van de NSDAP, en later ook van de SS, niet bepaald een anti nazi, gezien ook zijn christelijke opvoeding en overtuiging. Afgestudeerd ingenieur in de mijnbouw, en intensief belijdend lid van de Evangelische kerk, en bijzonder geïnteresseerd in de bijbelstudie en lid van discussiegroepen.

Kort na de machtovername door Hitler, wordt hij op aandrang van zijn familie lid van de NSDAP, en treed als mijnbouw ingenieur in staatsdienst.

Omdat hij lid is van de groepering bekend onder de naam van “Bekennenden Kirche�, zich intensief bezig houd met bijbelstudies, en ook nog openlijk protesteert tegen het verplichte lidmaatschap van de evangelische jeugd bij de Hitler Jugend, komt hij in conflict met de Nationaal Socialisten. De Gestapo arresteert hem dan ook op 24 september 1936, en zit ruim drie weken in gevangenschap. Na zijn vrijlating, is hij geroyeerd als lid van de NSDAP, en is hij zijn functie kwijt, en een veelbelovende toekomst als mijnbouwingenieur is ten einde. Hij heeft zijn royement aangevochten, maar werd niet ontvankelijk verklaart, wel krijgt hij gedaan dat hij eervol ontslagen werd. Eind 1936 begint hij een medicijnstudie, die hij overigens niet afmaakt. In 1938 werdt hij opnieuw gearresteerd, omdat hij, inmiddels getrouwd en kinderen heeft, zijn werk voor een school bijbelstudiegroep voortzet. Hij komt terecht in het krijgsgevangenkamp Welzheim bij Stuttgart.

Hij werd na 6 weken ontslagen, maar was er zo slecht behandeld en er slecht aan toe, dat hij serieus overwoog zelfmoord te plegen.

Hij heeft een tijd als bedrijfsleider gewerkt om zich en zijn gezin te kunnen onderhouden.

Als zijn schoonzus onder geheimzinnige omstandigheden komt te overlijden in Anstalt Hadamar, wil hij proberen erachter te komen hoe dat in zijn werk is gegaan. Hij neemt vrijwillig dienst bij de SS, om als “wolf in schaapskleren� proberen uit te vinden wat er daadwerkelijk gebeurt was met zijn schoonzuster.

Hij werd n.a.v. zijn medicijnstudie en zijn kennis daarvan, tewerk gesteld bij het hygiënische instituut,  van de Waffen SS, en klom daar op tot chef van de afdeling gezondheidstechniek.

Hij was verantwoordelijk voor de technische desinfectie van het ontsmetten van kleding en onderkomens, waarvoor men toen Zyklon B gebruikte. Meerdere malen heeft hij door zijn werkzaamheden vlektypfus epidemien kunnen bestrijden, en werd daarvoor zelfs bevordert tot Oberluitenant. Hij werd vanwege zijn kennis gestationeerd in concentratiekampen en vernietigingskampen als Belzec, Majdanek en Treblinka waar hij als waarnemer moest toezien op de moord op joden, en eventueel efficiëntere manieren moest proberen te vinden voor de vernietiging van joden.

Diep geschokt, deelt hij zijn waarnemingen mede aan de Zweedse diplomaat Baron von Otter op 20 augustus 1942, met de bedoeling dat dit verder verteld gaat worden in het buitenland. Ook Otto Dibelius die hij kent van de “Bekennende Kirche�, en zijn Hollandse vriend J.H.Ubbink maakt hij deelgenoot van zijn belevenissen, evenals de Zwitserse diplomaat Paul Hochstrasse. Na de oorlog hebben Otter en Dibelius en enkele anderen die gesprekken ook bevestigd.

Hij beperkt zich overigens niet enkel, om anderen te informeren, maar probeert ook via sabotage, de leveringen van Zyklon B te verstoren, maar uiteindelijk tevergeefs.

Op 22 april 1945 geeft hij zich vrijwillig over aan de Fransen, en komt daarmee in Frans gevangenschap. In gevangenschap schrijft hij meerdere ooggetuige verslagen en belevenissen op papier, en ofschoon er heden ten dage niet aan de authenticiteit van zijn verslagen van 4 mei 1945 getwijfeld wordt, werden zijn verslagen bij de Neurenberg processen uit formele gronden niet toegelaten door de geallieerden, de Fransen hadden verzuimd deze berichten te waarmerken als zijnde echt.

Zijn ooggetuige verslagen en berichten over de massavernietiging door vergassing van Joden geld als een der belangrijkste documenten en getuigenissen over de volkerenmoord op joden.

Kurt Gerstein werd later zelf aangeklaagd voor oorlogsmisdaden, moord en medeplichtigheid aan moord, en werd in een militaire gevangenis opgesloten in afwachting van zijn proces.

Zover kwam het niet, hij werd op 25 juli 1945 opgehangen gevonden in zijn cel, zelfmoord door vertwijfeling.

In het naoorlogse Duitsland, vond Gerstein geen erkenning, een poging tot rehabilitatie werd afgewezen, en mede daardoor verloren zijn vrouw en kinderen het recht op een uitkering.

Pas in 1963 bij de opvoering van het stuk “Der stellvertreter� komt Gerstein in een breder verband ter sprake, en herinnert men hem als een verzetsstrijder, als een der weinigen die de verschrikkingen van de Holocaust doorgaf aan anderen.

Â

Hans Bernd Gisevius, een Gestapomedewerker, die veranderde in een verzetsstrijder. Hij was tijdens de Weimarrepubliek lid van de Duitse Nationale Partij, en werd lid van de NSDAP toen zij aan de macht kwamen.

Hij was een conservatieve jurist, die in augustus 1933 in actieve dienst treed bij de Gestapo, en de opbouw meemaakte van de Gestapo. Kort na de zogenaamde “Rohm Putsch� neemt hij ontslag en treed hij uit de actieve staatsdienst. In 1938 komt hij in contact met militaire verzetsgroepen, en sluit zich bij hen aan.

Admiraal Canaris bezorgd hem een diplomatieke post in Zwitserland, en zo is hij in staat om contacten te leggen met de geheime dienst van Amerika.

Bij de mislukte aanslag van Staufenberg op Hitler, is ook hij in Berlijn aanwezig, maar ziet kans om te vluchten naar Zwitserland voor de Gestapo hem te pakken krijgt. Hij schrijft een boek, “Bis zum bitteren Ende�, welk boek en zijn persoonlijke getuigenis dienst doen bij de Neurenberger processen tegen oorlogsmisdadigers. Zijn getuigenis en zijn herinneringen zijn door sommigen in twijfel getrokken, en werd ook door enkelen niet geloofwaardig bevonden. Niet alles wat hij ten voordele of ten nadele naar voren bracht is in de procesvoering meegenomen. Ook heeft hij meerder zaken niet of nauwelijks benoemd.

Op 23 februari 1974 komt Gisevius bijna 70 jaar oud in Mühllheim te overlijden.

Â

Herbert Baum, een jood die lid is sinds 1931 van de KJVD, (Kommunistischen Jugendverband Duitsland). Hij was leider van de ondergrondse verzetsbeweging van de KJVD afdeling Zuid-Oost. Als elektricien uit een gewoon gezin, had hij vele verzetsmensen om zich heen gegroepeerd, de meeste waren van joodse afkomst en  handwerklieden. In 1940 wordt hij dwangarbeider bij de jodenafdeling van elektromotoren afdeling van Siemens en Schluckert AG. Met enkele andere dwangarbeiders sluiten zij een vriendenkring. Met de invoering van het dragen van de jodenster in september 1941, helpen zij joden die dat willen, om onder te duiken en bij het maken van plannen voor het ontvluchten van Duitsland om zo te proberen vervolging en arrestatie te voorkomen. Â

De groep heeft een brandaanslag gepleegd op een racistische anti communistische propaganda tentoonstelling, “Das Sowjetparadies� op 18 mei 1942 in Lustgarten in Berlijn, waarbij men de communisten als primitief en afschrikwekkend volk probeerde neer te zetten.

Door te proberen brand te stichten, en pamfletten te verspreiden samen met andere verzetsorganisaties, waaronder “der Rote Kapelle�, tracht men het vooroordeel tegen de communisten om te zetten naar de Nazi’s, door op de pamfletten te zetten: Permanente tentoonstelling- Het Nazi Paradijs- oorlog. Leugen, Gestapo, hoe lang nog. De brand richtte nauwelijks schade aan, de pamfletten des te meer.

Tegen de daders en andere leden van verzetsgroeperingen en hun familieleden, kwam de Gestapo al vrijwel direct in actie, hoe zij zo snel konden reageren is niet helemaal duidelijk, mogelijk was er verraad in het spel. Zij worden aangeklaagd wegens hoogverraad, enkelen krijgen gevangenisstraffen, maar een groot aantal van hen krijgt de doodstraf. Hun aantal is helemaal nauwkeurig vast te stellen, het ligt tussen 28 en 34 personen. Sommigen zijn na hun proces in Berlijn Plotzensee geëxecuteerd, anderen in concentratiekampen vermoord. Herbert Baum, op 22 mei 1942 gearresteerd, stierf volgens het politierapport door zelfmoord, hij zou zich opgehangen hebben, om zo folterpraktijken te kunnen ontlopen, maar daar zijn grote twijfels over, mogelijkerwijze is hij aan de gevolgen van marteling overleden, en verdoezelde men de daadwerkelijke oorzaak, en probeerde men hem daarbij te beschadigen, hij was tenslotte maar een jood.

Op 28 en 29 juni 1942 zijn in Berlijn ca. 500 joodse dwangarbeiders opgepakt, waarvan de helft is doodgeschoten, en de andere helft is afgevoerd naar concentratiekamp Sachsenhausen, als vergelding voor een simpele brandaanslag. Ondanks dat de Nationaalsocialisten alle verzetsdaden en meldingen daarvan probeerden te verdoezelen voor de grote massa, kreeg deze aanslag, en de verschrikkelijke gevolgen daarvan, uitgebreid aandacht in de buitenlandse pers, maar wat deed men daarmee ?.

In het westen werd na de oorlog niet graag een gedenkteken opgericht voor een linkse communistische verzetsgroep, liever had men daar de herinnering aan Staufenberg, en broer en zus Scholl. Terwijl in Oost Duitsland joodse verzetsgroepen op zijn minst verdacht waren. Het duurde dan ook tot 1981 alvorens men in Oost-Berlijn aan de Lustgarten een gedenksteen heeft opgericht, met het volgende opschrift: “ Unvergessen die mutigen Taten und Standhaftigkeit der von dem Jungkommunisten Herbert Baum geleiteten antifaschistischen Widerstandgruppe. Für immer in Freundschaft mit der Sowjetunion verbunden�.

In 2000 is het monument met de volgende tekst aangevuld, en eindigt nu met de woorden: “So dokumentiert dieser Gedenkstein heute die mutige Widerstandsaktion des jahres 1942, das Geschichtsverständnis 1981 und unser andauerndes Gedenken an den Wiederstand gegen das NS-Regime�.

De hoofdstraat naar het joodse kerkhof in Berlijn draagt nu de naam van Herbert Baum, en op het kerkhof is een monument opgericht ter nagedachtenis aan de vele leden van de Herbert Baumgroep, die het leven hebben gelaten, 28 namen staan erin gebeiteld, maar het werkelijke aantal zal nooit bekend worden.

Â

Joods verzet, als men de ongelooflijke aantallen hoort van bij benadering 6 miljoen vermoorde en of omgekomen joden, vraagt men zich ook af, net als de vraag was er geen verzet in Duitsland tegen de Nazi’s, en was er dan ook geen verzet tegen de deportatie van en massamoord op joden van de joodse bevolkingsgroepen zelf, liet men alles maar gewillig over zich heen komen. Dat laatste was zo’n beetje het beeld bij de grote massa.

Natuurlijk niet, en natuurlijk was er verzet.

Maar toen de eerste berichten bekend werden, reageerde vrijwel iedereen van, dat kan niet waar zijn, ongeloof was het wat de boventoon voerde, eerstens ook onder de joden zelf.

En hoe zou het gevoel zijn, als je als jood zo’n beetje alleen op de wereld was, van wie anders, dan behalve van soortgenoten mocht je hulp verwachtten.

Het tegendeel was eerder waar, de joden zaten niet alleen onder de Nazi’s in het verdomhoekje, ze zaten daar al eeuwen, alleen werd hun niet zoveel in de weg gelegd in het verleden. En het belangrijkste was om proberen te overleven in moeilijke tijden, daar had men de handen aan vol. Allerlei maatregelen werden getroffen om het de joden moeilijk te maken, van verboten hier en verboden daar, op gegeven moment was hun vrijwel alles verboten.

Toen de eerste berichten over de massavernietiging bekend werden, leefden de meeste joden al in werkkampen of waren overgebracht naar getto’s in verschillende landen rondom Duitsland. Toch waren er toen al wel verzetsgroepen daadwerkelijk aanwezig, die probeerden hulp te bieden daar waar nodig, en aanslagen te plegen. Maar wat als een aanslag zo’n groot aantal slachtoffers teweeg bracht, een keus die voor vele ook niet joodse verzetsgroepen zeer moeilijk was. Kijk naar de aanslag op Heydrich, Rauter, Putten, Oradur en vele, vele anderen. Een aanslag op een, ging vaak ten koste van soms honderden onschuldige slachtoffers.

Toch zijn vele kleine groepen joden in verzet gekomen, en pleegden vele aanslagen op treinen en railverbindingen, om zo het Duitse leger in zijn opmars te storen. Die groepen die overleefden, werden later door het Russische leger van wapens voorzien, die zij voordien maar mondjesmaat hadden. Deze joodse groepen waren op zichzelf aangewezen, andere verzetsgroepringen wilden niet of nauwelijks samenwerken met de joodse groepringen.

Anders werd het, toen in de joden in getto’s werden ondergebracht, en de Duitsers begonnen de joden te deporteren naar de vernietigingskampen, toen kwamen zij in verzet, opstanden kwamen, zoals in het getto van Warschau, ook in Krakau werden verzetsgroepen geformeerd onder de naam ZOB, en kwamen in opstand.

Tot september 1942 werden overigens toch nog ruim 300.000 van de 500.000 joden vanuit Warschau naar meestal Treblinka afgevoerd. In januari 1943 begon een 2e deportatiegolf, en onder de verzamelde joden bevonden zich bewapende verzetsleden van de ZOB, die op bevel begonnen te schieten op de bewakers, en in de chaos konden velen vluchten, terug in het getto. Hun leider was Mordechaj Anielewicz, maar desondanks werden toch nog ca. 6.000 joden weggevoerd. Op 19 april 1943 begon de opstand in het getto van Warchau, en duurde t/m 16 mei 1943. Duitse troepen hebben een bloedig einde gemaakt aan de opstand in het getto van Warschau, zij vernietigden stuk voor stuk alle huizen en staken die in brand, tot de laatste toe, met alle daarvoor hun ten dienste staande middelen, zonder ook maar enigszins rekening te houden met hun joodse tegenstanders. Want kwamen die uit de brandende huizen gevlucht, werden zij zonder pardon neergeknald. Op 16 mei verklaarde de SS groepenführer Stroop, er is in Warchau geen joods woongebied meer.

Het getto van Bialystock werd in augustus 1943 vernietigd en uitgemoord, degenen die hebben kunnen ontkomen gaan ondergronds verder, en de laatste leden van verzetsgroepen in het getto van Krakau vluchten naar Hongarije om daar als partizanen verder te vechten, zij hebben veel aanslagen gepleegd op Duitse garages van de Wehrmacht, maar ook op NS officieren. Hun groep bestond aanvankelijk uit minstens 300 joden, die tientallen aanslagen hebben gepleegd.

Ook kwamen joden in opstand, als zij al in concentratiekampen waren ondergebracht, in Sobibor kwamen joden gewapend in opstand, schoten 9 wachtposten dood, en probeerden massaal te vluchten. Het lukte 320 mensen te ontkomen, die zich vervolgens aansloten bij verzetsgroeperingen in Oost Polen. Sobibor werd door de Nazi’s gesloten eind 1943, en ze probeerden de sporen van het kamp en de uitbraak te wissen. Ook in Auschwitz-Birkenau kwam men in opstand, en probeerde men te vluchten, ongeveer de helft van de pogingen lukte. Anders was het, toen een verzetsgroep met springstof, welke door vrouwelijke gevangenen was binnengesmokkeld, de crematorium IV probeerde op te blazen. Dat opblazen lukte, maar toen 250 personen daaropvolgend probeerden te vluchten, werden zij allemaal gegrepen, en zijn zonder uitzondering omgebracht.

Getallen lopen uiteen, maar na de oorlog hebben vele ondergedoken joden, en joden die al als partizaan daadwerkelijk de Duitsers bevochten, zich aangesloten bij de geallieerde legers. In veel van die legereenheden waren joodse eenheden ingelijfd, schattingen zijn er tot ca. 1.5 miljoen joodse soldaten en of partizanen.

Â

Henning von Tresckow, geboren uit een adelsgeslacht in 1901 in Magdeburg, treed hij met zijn broer vrijwillig in het leger in 1917. Na de 1e wereldoorlog begint hij een rechtenstudie, en treed in dienst bij een bank. In 1924 onderneemt hij een wereldreis, die hem bijna over de hele wereld bracht, maar door geldgebrek breekt hij die af in Zuid Amerika.

Treed in het huwelijk, en krijgt met zijn vrouw 4 kinderen. In 1926 treed hij opnieuw in het leger, zoals zovele adelijke personen doen. De militaire academie doorloopt hij met glans, en hem schijnt een glanzende carrière in het verschiet.

Maar hij ziet met enige argwaan de opkomst van het Nationaal Socialisme, het enige wat hij met hen gemeen heeft, en dat waren er vele, zijn de herziene pogingen van het verdrag van Versailles, waarmee Duitsland te maken heeft, en die in veler ogen exorbitant zwaar en onredelijk gevonden worden.

Maar zoals ook bij velen, heeft de “Rohm Putsch�hem de ogen geopend, en ziet hij hoe gemakkelijk en brutaal tegenstanders definitief uit de weg geruimd worden. Als dan ook nog de Rijksdagbrand, die de Kristalnacht veroorzaakt als represaille, weet hij genoeg, en van voorstander is hij tegenstander van Hitler geworden. Al voor dat de oorlog uitbreekt, heeft hij al contacten gelegd om een militaire verzetsgroep te vormen. Hij heeft al contacten met zijn neef Fabian von Schlabrendorf en Rudolph Freiherr von Gersdorff. In december is hij generaalstafofficier bij de legergroep B, later de legergroep Midden genaamd, in het verre Oosten. Zijn grief tegen de gruweldaden van de SD en de SS tegen de gewone bevolking stuiten hem zeer tegen de borst, en diep gegriefd was hij, dat daar niet tegen opgetreden werd. Hij beklaagde zich daarover bij zijn oom veldmaarschalk Fedor von Block, maar kon hem niet overtuigen, ook in zijn gesprekken met de generaals Kluge en Manstein bleven zonder vervolg.

In de steek gelaten door zijn superieuren, intensiveert hij de contacten met gelijkgezinde militairen, en maken plannen om Hitler om te brengen, ervan overtuigd was, dat, dat de enige mogelijkheid was om een staatsgreep te kunnen plegen. Hij intensiveerde de contacten met Goerdeler, Beck en de eerder genoemde Stauffenberg, Schlabrendorf en von Gersdorff.

De eerste gelegenheid deed zich voor, toen Hitler een bezoek bracht op 13 maart 1943 aan de staf van de legerleiding Midden in Smolensk.

Samen met zijn neef Schlabrendorf fabriceerde Tresckow een springstoflading bestaande uit 2 Engelse mijnen, een springstofpakket, die eruit zag als een als een cognacfles verpakking, en die is aan boord van het vliegtuig gesmokkeld.

Helaas is deze aanslag mislukt, omdat het ontstekingsmechanisme in het laadruim verborgen bevroor tijdens de vlucht, en daardoor is het pakket niet tot ontploffing gekomen.

Een week later doet zich een nieuwe kans voor, Hitler bezoekt op 21 maart 1943 aansluitend aan de “Heldengedenkdag� in Berlijn de tentoongestelde wapens en munitie, buitgemaakt op de Russen. Rudolf Freiherr von Gersdorff was de initiatiefnemer voor deze tentoonstelling, en zou Hitler rondleiden over deze tentoongestelde uitrustingsstukken.

Hij had in de zakken van zijn jas, twee stuks springstof, en wilde daarmee Hitler in de lucht laten springen. Maar tot ontzetting, breekt Hitler plots de rondleiding af, en vertrekt. Gersdorff in vertwijfeling achterlatend, want de twee stuks springstof kunnen elk moment afgaan. Hij krijgt het voor elkaar om de springstof onschadelijk te maken voor het afgaat, en weer ontsnapt Hitler, of de duivel er mee speelt, in eigen persoon.

In de zomer van 1943 maakt hij samen met Staufenberg, die hij al jaren kent, plannen voor een staatsgreep, waarbij Hitler omgebracht moet worden, maar Tresckow moet in november 1943 een overplaatsing naar het Oostfront accepteren, en blijft Stauffenberg alleen over om hun plan ten uitvoer te brengen, en dat mislukte helaas op 20 juli 1944.

Tresckow was aan het Oostfront toen hij vernam dat de staatsgreep en de moord op Hitler mislukt was, en was vastberaden om zijn arrestatie te voorkomen. De volgende dag begaf hij zich naar de frontlinie, en benam zich het leven door middel van een handgranaat.

Zijn lichaam werd daarna naar zijn stamhuis Gut Wartenberg gebracht en opgebaard.

Als dan pas na de begrafenis later zijn aandeel in de staatsgreep bekend werd, is zijn stoffelijk overschot alsnog opgegraven, en overgebracht naar concentratiekamp Sachsenhausen en aldaar gecremeerd en verstrooid, niets mocht er overblijven van zulke verraders.

Een gedenksteen is opgericht voor Erika en Henning von Tresckow, voor de kazerne met hun naam in Potsdam.

Â

Colofoon: Drittes Reich- Atlas verlag

Diverse internet sites

Â

Anton G.M.Heijmerikx, Lathen

3 gedachten over “Verzet tegen de Nazi’s, in Duitsland.

  1. Gelezen na de film Valkyrie gezien te hebben. Vind dit een goede bloemlezing. Verdient het in boekvorm uitgegeven te worden. Moet alleen gescreend worden op redactionele foutjes.

    met vr. gr.

    Jan Lambers

    Like

  2. Mijn echtgenote haar oom is vermoord in 1942 in de gevangenis van Plotzensee Berlijn waar Von Stauffenberg ook vermoord is.
    In de film Valkyrie laten ze niet zien wat die mensen daar allemaal hebben meegemaakt en afgezien.
    Het is maar een half verhaal.

    Groeten, Matthyssens – vanrooy

    Maart 15 2009.

    Like

  3. Ik ben altijd erg gefacineerd geweest door het Duitse verzet tegen Hitler en dan speciaal de aanslag die Claus von Stauffenberg op 20 juli 1944 op hem pleegde. Niettemin kan ik lang niet alle Duitsers en Europeanen (de geallieerden inbegrepen) zien als helden daar sommigen onder hen zelf streden tegen elkaar, tegen hun eigen regering of zich evengoed schuldig maakten aan oorlogsmisdaden. Het Duitse verzet werd ook niet gesteund van buitenaf waardoor Hitler zoveel ellende kon aanrichten. Dat een nazi-rechter als Freisler gezien wordt als een sinister peroon die duizenden Duitsers voor het Volksgerichtshof ter dood veroordeelde is natuurlijk terecht. Toch was Freisler niet het pronotype van een verderfelijke rechter daar 150 jaar voor hem de officier van Justitie Fouquier-Tinville onder Robespierre tijdens de Franse Revolutie evenveel Fransen die tegen de revolutie waren ter dood veroordeelde in duivelse schijnprocessen.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: