Het Ghetto van Theresienstad.

Onderdeel van de kleine vesting van het Ghetto van Theresienstad, met links het ziekenblok, waar op het eind van de oorlog honderden mensen stierven aan de vlektyphus, terwijl de kampleiding niets ondernam om die epidemie te stoppen en het rustig liet voortwoekeren. Als je in deze ruimten staat, lijkt het onwaarschijnlijk dat zoveel mensen hier hun einde hebben gevonden, een beetje huiskamer is groter dan deze ruimtes.

Rechts de dodenkamer, waar de lijken werden opgestapeld, en bij voldoende aantallen werden ze naar het crematorium Boshusivice vervoerd om verbrand te worden.

In het midden een onderaardse gang, die deel uitmaakte van het aloude oorspronkelijke verdedigingswerk, tijdens de oorlog werd daar door de bewakers geen gebruik van gemaakt, bang als men was in die gang omgebracht te worden door eventuele gevangenen.

Toen wij in 1995 door die gang liepen, werden wij ingehaald door een groepje Nederlanders die zo nodig hier een polonaise moesten houden, wij zijn omgedraaid en schaamden ons diep, totaal overdonderd door zulks smakeloos gedrag. Verbouwereerd als wij waren, hebben wij verder onze mond gehouden, bang dat waren dat men zou denken dat wij bij hun zouden horen. Wij wilden met dat groepje totaal niets te maken hebben.

Aan het eind van de 18e eeuw werd dit fort gebouwd als verdedigingswerk nabij de plek waarde rivieren de Elbe en de Eger samenkomen. De vesting werd genoemd naar de Oostenrijkse keizerin Maria Theresia, het gebied was in die tijd onderdeel van het grote Oostenrijk-Hongaarse keizerrijk, welke ook de opdrachtgever was. De vesting bestond uit twee delen, de kleine vesting en de grote vesting, bij die laatste werd de stad bedoeld.

De bouw begon in 1780 en duurde tot 1790 en bood plaats aan 5.600 militairen, op een oppervlakte van 3.9 km2.

Het doel waarvoor het gebouwd was, om dienst te doen in tijden van oorlog, heeft nooit plaatsgevonden. Aan het eind van de 19e eeuw deed het dienst als gevangenis, en tijdens WOI deed het dienst als krijgsgevangenkamp. Gavrilo Princip (Bosniër die door de moord op aartshertog Franz Ferdinand van Oostenrijk in een klap beroemd werd. De moord betekende het startschot van de Eerste Wereldoorlog), de moordenaar van Frans Ferdinand was hier ook opgesloten tot 1916, hij overleed overigens aan tuberculose in 1918 in een nabijgelegen ziekenhuis.

De kleine vesting was in WOII een gevangenis van de Gestapo, en de grote vesting Theresienstadt was een groot Nazi concentratiekamp.

Op 10 juni 1940 nam de Gestapo het bevel in Theresienstadt over, en werden Tsjechische en Moravische verzetsstrijders in de kleine vesting gevangen gezet.

In 1942 werd er in de kleine vesting een bassin aangelegd, officieel een waterreservoir voor de bestrijding van eventuele branden, maar het werd gebruikt door de bewakers en hun gezinnen als zwembad. Ook werd een bioscoop gebouwd voor de bewakers en hun gezinnen in 1942 door de gevangenen.

Vanaf november 1941 werd Theresienstadt de grote vesting aangewezen als getto voor gedeporteerde joden, en was Theresienstadt een groot concentratiekamp geworden.

Het was hoofdzakelijk bedoeld als opvang- en doorvoerkamp, een tussenstation voor vernietigingskampen als Auschwitz-Birkenau en Treblinka.

Officieel opende het zijn poorten op 24 november met de installatie van de SS er Reinhard Heydrich als kamphoofd. Zijn officiele naam was Reinhard Tristan Eugen Heydrich, geboren te Halle 7-3-1904 uit gegoede muzikale ouders, moeder was pianolerares en vader was operazanger en componist, en overleden te Praag op 4-6-1942, tengevolge van een aanslag op 27-5-1942 door 2 getrainde Tsjechiese getrainde soldaten Jan Kubiš en Jozef Gabčík uitgezonden door de SOE (Special Operations Executive) uit Engeland.

De wraak van de nazi’s na de moord op Heydrich was verschrikkelijk. Er werden bloedige represailles en een massamoord tegen de Tsjechische bevolking ondernomen. Zo werd op de avond na de begrafenis van Heydrich het Tsjechische dorpje Lidice uitgemoord, in de veronderstelling dat Gabčík en KubiÅ¡ hier vandaan kwamen. Alle mannen – vanaf 16 jaar en ouder – werden in dit dorp samengedreven bij een schuur en ter plekke doodgeschoten. Alle goederen, voorraden, dieren, geld en sieraden werden in beslag genomen en het dorp, de oude kerk en het dorpskerkhof werden daarop platgebrand, verwoest of opgeblazen.

De grond waarop het dorp had gestaan werd omgeploegd en genivelleerd met bulldozers. De vrouwen en kinderen werden gedeporteerd naar de concentratiekampen Ravensbrück en Chełmno. 82 kinderen werden in het concentratiekamp Chełmno met behulp van zogenaamde gasauto’s vergast. Hoewel Hitler de onmiddellijke executie van 10.000 Tsjechen beval, werd het plan aangepast om het Tsjechische verzet volledig uit te roeien.

Tussen 28 mei en 9 juni 1942 alleen al werden bijna 1800 doodvonnissen uitgesproken door de Duitse krijgsraad. Het vonnis werd ogenblikkelijk uitgevoerd.

Gabčík en KubiÅ¡ verborgen zich na de aanslag in de crypte van de kerk van Cyrillus en Methodius in de Ulice Resslova in Praag. Nadat de nazi’s deze schuilplaats ontdekt hadden, omsingelde de SS op 18 juni 1942 de kerk. Gabčík en KubiÅ¡ verdedigden zich urenlang, maar uiteindelijk zagen zij zich genoodzaakt zelfmoord te plegen om arrestatie te voorkomen. Ter ere van de beide partizanen zijn na de Tweede Wereldoorlog in Praag vlakbij de plaats van de aanslag twee straten (Ulice Gabčikova en Ulice KubiÅ¡ova) naar hen vernoemd. In de kerk is een tentoonstelling aan de aanslag gewijd.

Heydrich werd opgevold door Heindrich Jöckel, berucht om zijn wreedheid en in 1946 ter dood veroordeeld, en terechtgesteld evenals de leider van het kledingmagazijn Wachholz die in 1968 in de DDR ter dood werd veroordeeld.

In de zomer van 1942 werd de niet-Joodse bevolking van Theresienstadt simpelweg weggestuurd.

Onder de nieuwe joodse bevolking bevonden zich vele kunstenaars, musici en juristen. Daardoor ontstond er een druk cultureel leven in het getto, en kon men enigzins ontsnappen aan de ellende van alle dag.

Het kamp herbergde, naast volwassenen, ook zo’n 11.000 kinderen.

De Joodse gettobevolking had een zekere mate van zelfbestuur, zolang men maar deed wat de Nazi’s verlangden: de raad van ouderen.

Deze raad had onder andere de onmenselijke taak om lijsten op te stellen van wie gedeporteerd zou moeten worden en wie niet, met andere woorden wie voor vernietiging in aanmerking kwam.

Weigerde men met de Duitsers mee te werken, dan zouden simpelweg alle bewoners gedeporteerd en vermoord worden.

Ondertussen werden de leefomstandigheden in Theresienstadt steeds slechter.

Waar eerst zo’n 7.000 Tsjechoslowaken hadden gewoond, waren nu 50.000 mensen gehuisvest en opeengepakt.

Er was weinig of geen voedsel en alleen al in 1942 stierven er zo’n 16.000 bewoners, brandstof was ook onvoldoende of niet te verkrijgen.

Inwoners die zich verzetten tegen de Duitsers of anderszins iets deden dat volgens de Duitsers niet door de beugel kon, kwamen in de “kleine vesting” (de gevangenis) terecht, waar de leefomstandigheden nóg slechter waren, en overleven vrijwel onmogelijk was.

In 1943 werden 500 Deense joden naar Theresienstadt gedeporteerd, de Deense regering stemde toe, mits het Rode Kruis toegang tot de gevangenen kreeg. Eind 1943 kreeg het Rode Kruis toegang, om begin 1944 Theresienstadt te bezoeken. De Nazi’s troffen daartoe voorbereidingen, en zij richtten nepcafés en winkels op in het kamp, om het geheel een aanblik te geven van een normale woonplaats. Om de overbevolking van Theresienstadt verborgen te houden voor het Rode Kruis, hadden zij simpelweg vele joden ter vernietiging naar Auschwitz gestuurd. De overgebleven bewoners zaten dan ook met niet meer dan 3 personen op een kamer, en zwegen. Zij wisten wat hun te wachten stond als zij zouden spreken. Het Rode Kruis had zich compleet laten bedonderen, zo erg zelfs dat er een propagandafilm over gemaakt is waarvan het de bedoeling was om die via het Rode Kruis te laten vertonen over hoe goed toeven het was in Theresienstadt. De regisseur en de acteurs zijn allen na voltooing van de film in Auschwitz vergast, en de film is pas teruggevonden nadat Theresienstadt door de geallieerden werd bevrijd. Met de film wilden de Nazi’s de geruchten over concentratiekampen voor Joden de kop in drukken.

De film is overigens te zien in het huidige museum van het kamp.

In maart 1945 probeerden drie gevangenen te ontsnappen, maar werden na hun mislukte poging opgepakt. Een hunner werd met twee willekeurig gekozen mannen en een vrouw ter afschrikking aan het einde van het zogenaamde hof IV doodgeschoten, de andere twee werden voor hun cel gestenigd. Hof IV werd overigens pas in 1943 gebouwd, en kwam in de herfst van 1944 gereed, vlak voor het einde van de oorlog vegeteerden en stierven in dit hof meer dan 3.000 gevangenen.

Op 3 mei 1945 werd het kamp overgedragen aan het Rode Kruis, en op 8 mei 1945 werd het door het Russische Rode Leger bevrijd.

Van november 1941 tot april 1945 werden bij benadering ca. 144.000 joden naar Theresienstadt gedeporteerd. Ca 33.000 stierven in het getto van Theresienstadt aan ontbering, ondervoeding, ziekte, marteling of excecutie.

ca. 88.000 mensen werden vanuit Theresienstadt gedeporteerd naar de vernietigingskampen, Auschwitz en Treblinka waren de meest aangewezen plaatsen.

Bij de bevrijding door het Rode Leger, waren nog ca. 19.000 gevangenen in leven, waarvan er nadien nog velen zijn overleden aan de gevolgen van hun gevangenschap.

Van alle gedeporteerden vanuit Theresienstadt, overleefden er slechts ca. 3.000, en van de 10.500 kinderen overleefden slechts 142 de oorlog.

Ook zijn er velen vlak voor de bevrijding, zelfs nog op 2 mei een dag voor de bevrijding, alsnog geëxecuteerd, en in massagraven gedumpt.

Na de oorlog zijn 601 stoffelijke resten geëxhumeerd en op waardige wijze herbegraven op de Nationale Begraafplaats naast de vesting.

Op deze begraafplaats liggen de stoffelijke resten can ca. 10.000 slachtoffers van de Kleine Vesting, het ghetto van Theresienstadt en van het concentratiekamp Litomĕřice, waarvan 2.368 in eigen graven, en de rest in een massagraf, waarvan de meesten joodse slachtoffers.

Bij benadering, kwamen de meeste joden uit:Tsjechoslowakije – 75.500, Duitsland – 42.000, Oostenrijk – 15.000, Nederland – 5.000, Hongarije – 1.150, Polen – 1.000 en Denemarken– 500

Anton Heijmerikx, Lathen

2 gedachten over “Het Ghetto van Theresienstad.

  1. Kan het zijn dat ook mensen uit de duitse bevolking in Theresienstadt ondergebracht werden om de “modelstad” te bevolken? bestaat er een naamsregister van het kerkhof?
    Ben zelf van na de oorlog, ik heb ooit verhalen gehoord dat een verre achternicht vanuit Aken naar Pilsen (Theresienstadt?) met haar kleine kinderen ging (op de vlucht?) en daar ook op 31 mei 1945 is gestorven. Heb mij altijd afgevraagd hoe zij daar terecht is gekomen.

    Like

  2. Kan het zijn dat ook mensen uit de duitse bevolking in Theresienstadt ondergebracht werden om de “modelstad” te bevolken? bestaat er een naamsregister van het kerkhof?
    Ben zelf van na de oorlog, ik heb ooit verhalen gehoord dat een verre achternicht vanuit Aken naar Pilsen (Theresienstadt?) met haar kleine kinderen ging (op de vlucht?) en daar ook op 31 mei 1945 is gestorven. Heb mij altijd afgevraagd hoe zij daar terecht is gekomen.

    +1

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: